Ook al willen veel mensen het niet horen, ik ga het er vandaag toch nog een keer over hebben. Gehoord worden….. Ik realiseer me dat een blog over de gezondheidsbevorderende effecten van kurkuma, of waarom je beter wel of geen verzadigd vet kunt eten veel meer gelezen zal worden dan het onderwerp waar ik de afgelopen weken over geschreven heb, maar toch wil ik het er nog een keer over hebben, als reactie op allerlei kortzichtige artikelen en reacties in de media.

 

Wel of niet gehoord worden….  Dit thema raakt mij en mijn collega’s ook persoonlijk, omdat wij vaak roependen in de woestijn zijn, ons niet gehoord voelen. Wij zien cliënten die van het kastje naar de muur gestuurd zijn. Mensen die nergens de erkenning krijgen die ze nodig hebben om überhaupt te kunnen genezen. Niet gehoord worden…

 

Waarom krijgen zij bij een complementair behandelaar wel het gevoel dat zij gehoord worden? (Nu hebben zij niet alleen het gevoel, ze worden ook echt gehoord, maar dat terzijde.) Worden zij dan niet gehoord in de reguliere geneeskunde? Of speelt er meer?

 

Wanneer je aan een complementair behandelaar vraagt welke soort cliënten zij zien, zullen zij zonder uitzondering aangeven dat zij mensen met chronische en vaak ‘onbegrepen’ klachten behandelen. Je gaat tenslotte niet met een hartinfarct naar de homeopaat.

 

Wanneer je iets mankeert waar men in de reguliere geneeskunde niet uitkomt, of men je alleen met symptoombestrijding behandelt, kun je gelukkig naar een complementair behandelaar (die vaak wel met goede oplossingen komt) die wel naar je luistert. (Behandelaren die zelf ook het een en ander hebben meegemaakt zijn overigens nog beter in staat om zich in te leven in het verhaal van de cliënt.)

 

Vanuit onze natuurlijke overlevingsstrategieën zullen velen van ons, als we niet gehoord worden, harder gaan schreeuwen. Dat zie je bij dieren en mensen. Een hond die geen aandacht krijgt, gaat blaffen. Een kind dat zich niet gehoord voelt, wordt dwars en opstandig.

 

Nu kunnen we de hond aan de ketting leggen en net zo hard slaan totdat het arme beest verlamd raakt van angst, of het kind medicijnen geven waardoor het rustiger wordt, maar dan gaan we voorbij aan de oorzaak van het probleem. Het kind wordt niet gehoord, er is iets aan de hand wat we niet zien, of durven te horen.

 

Juist ja, durven te horen.

 

Het vraagt namelijk nogal wat van een ouder, een behandelaar of een leerkracht om werkelijk te durven horen wat er aan de hand is. Want stel je voor dat je met iets geconfronteerd wordt wat je eigenlijk niet kunt of wilt zien, of wat niet in je plaatje past. Zo’n ‘ongehoord’ kind, loopt een grotere kans om op latere leeftijd chronische klachten te ontwikkelen. In de ACE studie is aangetoond dat kinderen die opgroeien in een disfunctionele omgeving (waarbij het kind emotioneel en of fysiek niet kreeg wat het nodig had, ofwel niet gehoord is), op latere leeftijd lichamelijke problemen ontwikkelen. Chronische, vaak onbegrepen klachten.

 

Ik vermoed dat er bij de meerderheid van de mensen met chronische klachten (ergens diep verstopt) een ‘early life stress event’ geweest is. (Let wel, ik zeg bij de meerderheid van de mensen, dus niet bij iedereen.) Dit hoeft niet iets heel groots geweest te zijn; een depressieve ouder die zelf worstelt met zijn of haar verleden, een valse start in het leven door een problematische bevalling of ouders die te druk waren en geen aandacht voor het kind hadden. Deze omstandigheden kunnen (zeker samen met een paar andere vervelende omstandigheden, zoals antibioticagebruik, verkeerde voeding, genetische aspecten en nog veel meer) leiden tot chronische klachten op latere leeftijd.

 

Het komt natuurlijk ook voor dat je na een ‘early life stress event’ helemaal geen chronische klachten ontwikkelt. Het is nu eenmaal geen wiskunde.

 

Het betekent overigens niet dat deze chronische klachten tussen de oren zitten. Het zijn geen ingebeelde klachten, de mensen stellen zich niet aan, en ze hebben vaak ook geen echte ziektewinst. Nee, die klachten ontstaan door een ontregeld stresssysteem, waardoor het hele lichaam op zijn kop gezet is. (Hoe dat werkt, daar heb ik al eens eerder over geschreven.)

 

Wanneer je chronische klachten hebt (misschien dus wel doordat je vroeger niet gehoord of gezien werd), wat gebeurt er dan met je als die klachten vervolgens ook niet erkend, gezien, of gehoord worden? Wat gebeurt er dan met je als mensen tegen je zeggen dat het leven maakbaar is, dat je alleen maar een beetje meer je best moet doen? Dat je gewoon anders moet eten en meer moet bewegen?

 

Wat denk je?

 

Dan zet je de hakken in het zand of je speelt voor struisvogel.

 

Deze groep mensen met chronische aandoeningen (maar natuurlijk geldt dit voor iedereen) heeft allereerst, voordat zij überhaupt kunnen genezen, erkenning nodig. Zij moeten gehoord worden. Genezing begint nu eenmaal met erkenning van wat er is, erkenning van wat er nu aan de hand is en erkenning van jou, wie jij bent. Als mens.

 

Je kunt dit ‘genezende’ effect van erkenning geven en gehoord worden natuurlijk wegzetten als het placebo effect. Toch denk ik dat het je daarmee tekort doet. Het placebo effect zou ik meer zien als het beïnvloeden van de overtuiging dat iets werkt. Je geeft iemand een suikerpilletje en vertelt dat dit hem of haar gaat helpen, dat is voor mij meer het aanbieden van een illusie, waardoor iemand zich (tijdelijk) beter gaat voelen. Hoe kun je iemand nu oprecht horen en erkennen als je hem of haar een illusie aanbiedt? Daarmee neem je de patiënt toch niet serieus?

 

Door een aandoening weg te zetten als psychosomatisch, aanstelleritis, of als modeziekte (jawel, dat deed onze eigen toenmalige minister van Volksgezondheid mevrouw Schippers over fibromyalgie en ADHD), worden mensen alleen maar zieker gemaakt. Hiermee geef je mensen geen erkenning, maar ontkenning.

 

Naar mijn idee is het succes van de verschillende voedingshypes mede gebaseerd op het principe van erkenning geven.  Deze hypes geven mensen handvatten om zelf aan hun eigen gezondheid te werken, ze krijgen daarmee erkenning en autonomie.

 

Het beleid in de reguliere geneeskunde is niet gericht op het horen en erkennen van mensen, daar is meestal geen plaats voor. Daar moet men, door de overmatige regelgeving, zich houden aan protocollen. Het vasthouden aan protocollen waarin geen plaats is voor de individuele, menselijke benadering heeft maar al te vaak als gevolg dat alles wat er niet in het protocol past, ontkend wordt. Terwijl het zo makkelijk zou kunnen zijn.

 

Het begint met het aannemen van een andere houding. Een houding van respect voor de patiënt met onbegrepen klachten. Wanneer artsen patiënten serieus zouden nemen, meer empathie zouden tonen en eerlijk zouden aangeven dat ze misschien niet weten wat er met de patiënt aan de hand is, zijn we al een heel eind op weg.

 

Yvonne van Stigt, master in de klinische Psycho Neuro Immunologie

In dit witboek kun je positieve ervaringen met de complementaire geneeskunde plaatsen. Gebruik niet meer dan 400 woorden.

 

————————————————————————————————————————-

Ik had voor de tweede keer een doodziek paard zo ziek dat de dierenarts van alles in is gaan spuiten om dingen uit te sluiten.
Vervolgens is er met de lecher antenne bij de holistische dierenarts het e.e.a vastgesteld wat later door de gewone dierenarts bevestigd is omdat hij nu wist wat hij zocht….
Ik heb er vervolgens voor gekozen om mijn paard met homeopathie te behandelen ipv groene geneesmiddelen. Binnen 3 maanden was hij weer de oude en heeft hij geen last meer gehad van die klachten. Mijn paard kun je geen placebo aanpraten dus ik geloof in homeopathie kijk met een gebroken been moet je naar de dokter daar helpt geen zalfje tegen maar traumeel gebruiken bij een verstuiking wie heeft daar nou last van?

M.S.

—————————————————————————————————————————

1 jaar extreme vermoeidheid, geen zin in iets, gevolgd door depressieve gevoelens.

Verschillende onderzoeken werden uitgevoerd ; bloedonderzoek, schildklier, bijnieruitputting, cortisol speekselmeeting, intollerantie (gluten, lactose) dmv eliminatie, leaky gut, parasieten, H.pylori bacterie.
Alles niks noemenswaardig te zien behalve in de speekseltest serotonine tekort.

Na 2 weken reeds resultaat met behulp van diverse voedingssupplementen.

Ik heb terug energie om af te spreken met mensen. Ik begeef me terug in nuttige, plezierige en waardevolle activiteiten.
Dit haalt me uit mijn sociale isolatie, waardoor ik minder aan het piekeren ben en waardoor ik meer zelfvertrouwen en minder zelfkritiek ervaar.

E .E.

—————————————————————————————————————————

Welk verhaal zal ik delen? Meisje van 0,5 jaar zat onder het eczeem. Enige reguliere remedie was corticosteroïd zalf. Moeder wilde dat niet. Eén homeopathisch korreltje en de volgende ochtend was na wéken tobben met jeuk en huilen, alle eczeem wég! Ander meisje: 14 jaar:reguliere diagnose jeugdreuma met veel pijn. Prognose: rolstoel. Homeopathische behandeling en ze hangt nu in de ringen te turnen! Hondje 1 jaar: jeuk en eczeem, reguliere dierenarts advies: in laten slapen. Eén homeopathische korrel en het eczeem en de jeuk waren binnen een week weg! Vrouw 50 jaar: polynefritis. Advies dokter; antibiotica en even drie dagen wachten vóór op vakantie te gaan. Eén homeopathische dosis en mevrouw was binnen 12 uur koorts- en pijnvrij en kon op vakantie. Vrouw 62, steeds terugkerende blaasontsteking, al jaren. Van haar arts steeds antibiotica. Wilde ze niet meer. Een homeopathische behandeling en al jaren geen blaasontsteking meer. Enzovoorts.

R.S.


 

Ik heb 1,5 jaar pijnklachten gehad aan mij heup wat door straalde naar mijn rug. Ik was van een op andere dag fanatiek gaan sporten. Huisarts: slijmbeursontsteking. Oplossing: kuur met diclofenac en als dit onvoldoende werkt een spuit in heup met ontstekingsremmers. Diclofenac maakt dat ik het niet meer voel. Naar mijn mening loop ik daardoor het risico het alleen maar erger te maken. Ik ga zelf naar fysio. Fysio: gelukkig geen spuit want dan kan hij niets meer betekenen. Na meerdere behandelingen(massage) verminderen de klachten. Ik ga op nieuw naar huisarts. Huisarts: leren leven met pijn. 1 op 10 Nederlanders leeft met pijnklachten. Ik vind dit geen acceptabel antwoord. Via vriendin kom ik bij chiropractor. Chiropractor: houding klopt niet oplossing: oefeningen om mijn houding te verbeteren.
Na 1,5 maand ben ik pijnvrij. En na 5 jaar nog steeds.

I.

————————————————————————————————————————–

Na bezoek aan drie verschillende cardiologen en enkele longartsen bleek de enige die mij in die zelfde tijdsperiode goede adviezen had gegeven een orthomoleculaire therapeut te zijn. Deze zetten mij ook op het spoor van mijn gezondheidsprobleem en uiteindelijk heb ik het zelf aan de cardioloog en mijn huisarts moeten uitleggen wat er aan de hand is. En dat hebben ze moeten accepteren. Inmiddels houd ik mijn gezondheid uitsluitend met voeding en supplementen optimaal en heb ik geen medicijn van een arts nodig.

P. d. S.

—————————————————————————————————————————

Stapsgewijs steeds meer pijnstilling gaan nemen de laatste 8 jaar voor poly-artrose, slijmbeursontstekingen, ontstekingen spieren en aanhechtingen.
Uiteindelijk aan de Oxycodon. Eind van het jaar was ik vreselijk depressief, stijf, bewegingsangst, pijn. Ik ging van bed naar bank, voelde me vreselijk. Radeloos was ik.
Met medewerking van mijn huisarts de legale wietolie via Transvaal Apotheek den Haag n tijdje genomen: Bediol 1,3% THC/2%CBD. Al snel gebruikte ik meer dan 1 flesje van 10ml per week nu gebruik ik illegale olie, 20%THC/6CBD en het gaat prima met me. Nauwelijks pijn, pak genoeg beweging op n dag, slaap prima. Kortom, ik heb mijn leven weer terug.
Niet het belangrijkste maar toch; ik betaalde €200 per maand aan de Bediol, voor de olie die ik nu gebruik €20.- ( testrapport van lab wordt meegeleverd, transparant werkende leverancier)

M.Y.

————————————————————————————————————————–

2,5 jaar geleden kreeg ik last van mijn schouder,diagnose rozen shoulder. Werd hiervoor naar de orthopeed gestuurd die op dezelfde dag een echo liet maken om het te kunnen bevestigen. Er ging meteen een injectie met cortisonen in. Heel fijn dat allemaal op 1 dag kon. Vanwege de enorme pijn kreeg ik ook zware pijnstillers,tramadol. Helaas had ik totaal geen reactie op de behandeling. De mededeling dat deze aandoening 9mnd tot 3 jr kon duren en de behandeling had niets gedaan, de moed zakte me een beetje in de schoenen. Uiteindelijk mijn heil ggezocht bij acupunctuur. Binnen 2 behandeling in combinatie met chinese kruiden kon ik weer iets beter bewegen en hoefde ik de pijnstillers alleen nog voor de nacht te gebruiken. 2 weken dasrna slikte ik niets meer. Was nog niet pijnvrij maar het was uit te houden en ik kon inmiddels ook mijn arm weer richting de 60 gr bewegen. Het heeft er voor gezorgd dat ik mijn arm weer volledig kan gebruiken.

M.S.

—————————————————————————————————————————

In een artikel in de NRC van 22 september vertelt Peter Jan Margry, hoogleraar Europese etnologie aan de Universiteit van Amsterdam dat voornamelijk hoger opgeleiden kiezen voor de alternatieve geneeskunde. Hij heeft onderzoek gedaan naar welke alternatieve therapieën in Nederland gebruikt worden en waarom.

Hij geeft aan dat de alternatieve geneeskunde vrijwel alleen in het nieuws komen als er misstanden te melden zijn. Ook beschrijft hij de grote rol in de polariserende beeldvorming over alternatieve geneeswijzen van de Vereniging tegen de Kwakzalverij.

 

Ik citeer: „Maar de vereniging vormt ook een soort wezensvreemde gemeenschap”, zegt Margry, die hooghartig en eenzijdig het eigen gelijk blijft ventileren en koesteren.” Zo blijft de vereniging er volgens hem op hameren dat methoden van alternatieve genezers in de regel geen duidelijke wetenschappelijke onderbouwing hebben.

„Er is geen bewezen werkzame kracht maar het helpt de consumenten, cliënten of patiënten – hoe moet je ze noemen? – wel. Zij voelen zich er beter bij. Of dat reëel is of niet: moeten wij dat bepalen?” Zo noemt de vereniging gebruikers van alternatieve behandelingen onnozel. Ten onrechte, ziet Margry in zijn enquête. „Mensen beseffen in de regel dat de werking onbewezen is, maar toch kiezen zij ervoor, vooral omdat het velen het gevoel geeft dat er aandacht voor hen is en dat het hen helpt.”

 

Ehh, zij kiezen ervoor omdat ze het gevoel hebben dat er aandacht voor hen is?

 

Ze hebben niet alleen dat gevoel, er IS aandacht voor hen. En niet alleen de aandacht helpt, ook de behandelingen zelf zijn effectief. (Al is dat natuurlijk het laatste wat men wil aannemen.)

 

Ik heb er altijd wat moeite mee als we alle genezingen en verbeteringen op het placebo effect gooien. Dat komt omdat mijn lichaam mij altijd meteen laat merken of een bepaalde stof effectief is of niet. En ik heb echt geen andere benadering bij iedere voedingsaanpassing of nieuw supplement wat ik uitprobeer. Mijn lichaam is wat dat betreft zo helder als maar zijn kan.

 

Voor mij is het overigens geen nieuws dat vooral hoogopgeleiden zich wenden tot complementaire (ik noem het liever geen alternatieve) behandelaren. Voor de tegenstanders van de complementaire geneeskunde (whoever they may be?) is dit onbegrijpelijk. Ik spreek overigens over behandelaren en niet over genezers, zoals de VtdK dit gewoonlijk doet. Ik ben door hen al eens uitgemaakt voor natuurgenezeres, alsof mijn persoonlijke gaven mensen zouden kunnen genezen.

 

Nee natuurlijk niet. Ik heb geen blauwe jurk.

 

Toch wordt hier wel een kern geraakt. Een complementaire behandelaar begeleidt mensen op weg naar herstel met behulp van natuurlijke behandelmethoden. Wij genezen dus niet, dat doen de mensen zelf. En eerlijk gezegd verbaas ik mij erover dat niemand in opstand komt, dat het normaal gevonden wordt om als hogeropgeleide onnozel genoemd te worden.

 

Maar goed we dwalen af. De vraag luidde:

 

Hoe is het toch mogelijk dat hoogopgeleide mensen kiezen voor complementaire geneeswijzen?

 

Zijn dit onnozele gehersenspoelde, complotdenkers? Of zijn het intelligente mensen die goed in staat zijn om eigen keuzes te maken? Of spelen er nog andere zaken een rol?

 

Freek de Jonge sloeg op 22 september in een commentaar in Vrij Nederland de spijker op zijn kop. “Er zou geen behoefte aan alternatieve geneeskunde zijn als de reguliere voldeed.”

 

De huidige generatie is heel goed in staat om zelf keuzes te maken, om te zien wat wel en niet werkt.

 

Vanuit mijn eigen ervaring kan ik zeggen dat de cliënten die ik in de afgelopen 25 jaar gezien heb, bijna zonder uitzondering een enorme lijdensweg achter de rug hadden. Het zijn de mensen die in de reguliere zorg van het kastje naar de muur gestuurd zijn, die tegen die muren van onbegrip en onmenselijkheid opgelopen zijn. Het zijn de mensen die niet gehoord zijn, voor aansteller en psychiatrisch patiënt uitgemaakt zijn.

 

Het zijn mensen die weten dat er wel oplossingen voor hun problemen moeten zijn, maar die door nare, (wat zeg ik? verschrikkelijke en soms mensonterende) ervaringen het heft in eigen hand nemen, hun eigen verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen gezondheid en op zoek gaan naar iemand die wel bereid is om met hen mee te denken.

 

Het gaat om deze mensen!

 

Zij zijn zo blij en dankbaar als ze wel gehoord worden, als ze wel het heft in eigen handen kunnen nemen. Als ze door bijvoorbeeld lifestyle veranderingen inzicht krijgen in hun eigen lichaam en weer gezond worden.

 

Dat is waar het om gaat.

 

En natuurlijk ben ik bevooroordeeld.

Ik zie niet wat artsen in ziekenhuizen zien: ‘de excessen van al die kwakzalvers die mensen van de wal in de sloot helpen’. (En ja die zijn er  heus wel eens).

Ik zie alleen de andere kant en het is tijd dat die andere kant naar buiten komt.

 

Na mijn open brief aan Europese Wetenschapsraad ben ik overladen met ervaringsverhalen, brieven en steunbetuigingen. Ik denk dat het belangrijk is om de verhalen te bundelen. Daarom heb ik besloten om een deel van mijn website beschikbaar te stellen voor ervaringsverhalen. Ik wil een soort witboek samenstellen voor de complementaire zorg, zodat ook deze kant eens belicht wordt.

 

Als jij (als hoog- of laagopgeleid medemens) je verhaal wilt delen, ben je welkom om via het contactformulier op deze site (dus niet via Facebook) beknopt je verhaal te doen. Zou je in maximaal 400 woorden kunnen opschrijven waarom je een complementaire behandelaar hebt bezocht, inclusief eventuele negatieve ervaringen in de reguliere zorg, welke discipline deze behandelaar uitoefent en wat de resultaten zijn? Ik zal je verhaal anoniem, maar wel met je initialen plaatsen op mijn site indien je voldoet aan de volgende voorwaarden:

  • Een ervaringsverhaal, niet langer dan 400 woorden.
  • Vermelding van je volledige naam en correct emailadres (wat niet zichtbaar zal zijn).
  • Respectvol geschreven.

 

Ik ben me ervan bewust dat ik veel reacties kan krijgen, vandaar dat ik meteen vraag of er iemand is die mij kan helpen om de verhalen te lezen en te controleren.

 

Yvonne van Stigt, master in de klinische Psycho Neuro Immunologie


 

 


Beste Prof.Dr. J.W.M. van der Meer en overige leden van de KNAW,

 

Mag ik reageren op uw advies over de beoordeling van homeopathische geneesmiddelen? Gezien het feit dat u zelf de publiciteit opzoekt, hebt u daar vast geen bezwaar tegen.

 

Als gerenommeerd wetenschapper met maar liefst 1212 publicaties op uw naam (als ik goed geïnformeerd ben) zal het niet eenvoudig geweest zijn om zomaar vanuit een ander paradigma te denken en u te verdiepen in de werkingsmechanismen van de homeopathie.

 

U bent, natuurlijk nadat u zich grondig in de grondbeginselen van de homeopathie verdiept hebt, samen met andere geleerde dames en heren, tot de conclusie gekomen dat homeopathische geneesmiddelen op dezelfde manier behandeld moeten worden als reguliere westerse ‘geneesmiddelen’. Dat zouden we kunnen opvatten als een enorm compliment voor de homeopathie, ware het niet dat er in uw conclusie toch ook een wat (laten we het voorzichtig zeggen) neerbuigende toon doorklinkt.

 

Wat ik mij afvraag is het volgende.

 

U hebt als wetenschapper natuurlijk een open en onderzoekende houding en u zult niets veroordelen voordat u grondig kennis genomen heeft van de materie. Toch?

 

Dan zou het toch logisch zijn als u zich geschoold zou hebben bij een onderwijsinstelling om de grondbeginselen van de homeopathie te doorgronden? Of heeft u een oordeel geveld met en vanuit uw eigen paradigma?

 

Want ik neem aan dat u als wetenschapper toch wel weet dat het beoordelen van een nieuw paradigma vanuit (en met de maatstaven van) het oude paradigma vreemde conclusies oplevert. (Al is het natuurlijk de vraag welk van de twee paradigma’s in dit geval het oude is. Hahnemann, de grondlegger van de homeopathie, beschreef zijn bevindingen al in 1796, voor het ontstaan van de huidige wetenschap.)

 

In uw conclusie spreekt u van een oneerlijke situatie, omdat van homeopathische middelen niet hoeft te worden aangetoond dat zij effectief zijn.

 

Dit doet me denken aan de selectiecriteria voor een examen, voor een eerlijke selectie moeten alle deelnemers dezelfde opdracht uitvoeren. Ze moeten allemaal een boom beklimmen. De aap, de olifant en de goudvis, wie zou er aan de selectiecriteria voldoen?

 

Hebt u zelf ooit ervaren welke effecten met homeopathie bereikt kunnen worden? Of hebt u nooit de moed gehad om het te proberen? En dan heb ik het niet alleen over de vrij verkrijgbare homeopathische producten, maar ook over de behandeling met maatwerk homeopathie, door een deskundig behandelaar.

 

Is een van uw kleinkinderen ooit met behulp van een homeopaat genezen van zijn eczeem? Dan had u kunnen waarnemen dat het placebo-effect bij baby’s niet zo’n grote rol speelt.

 

Of kent u vrouwen die dankzij de homeopathie geen last meer hebben van overgangsklachten? Bij wie het libido weer op peil is, waardoor vele mannen nu toch wel heel blij zijn met het bestaan van deze bijzondere geneeswijze?

 

Of hebt u contact gehad met al die veehouders, die met homeopathie het antibioticagebruik hebben weten terug te dringen?

 

Of hebt u misschien het onderzoek gelezen waarin gebleken is dat ‘gewone’ (maar hoger opgeleide) mensen erg blij zijn met de homeopathie en deze zelfs een hoger waarderingscijfer geven dan aan de regulier werkend huisarts?

 

Nee?

 

Of doet u deze voorbeelden af als anekdotisch bewijs? (Lees: verhaaltjes van mensen die allemaal toe te schrijven zijn aan inbeelding en waanideeën en dus niet serieus te noemen zijn.)

 

Denkt u nu echt dat alle mensen die al eeuwenlang geholpen zijn door homeopathie en echt de werking hebben ervaren, alleen maar genazen omdat ze erin geloofden? Nee toch? Zo arrogant bent u toch niet?

 

Dan rest mij nog een laatste vraag.

 

Waarom?

 

Wat is het achterliggende argument om de eeuwenoude homeopathische middelen voortaan via kostbare procedures te laten beoordelen op effectiviteit? Waar bent u bang voor? Hoeveel homeopathiedoden vallen er per jaar? Of gaat het ergens anders om? Om geld misschien?

 

In het advies van de raad wordt gesteld dat het promoten van niet fatsoenlijk (wat een oordeel spreekt hieruit) onderbouwde homeopathische middelen als groter gevaar met zich mee brengt dat het publieke vertrouwen in de wetenschap wordt ondermijnd. Daarom moet het aan de man brengen van homeopathie niet meer worden toegestaan.

 

Meent u werkelijk dat reclame voor bijvoorbeeld ‘Nisyleen’ het publieke vertrouwen in de wetenschap ondermijnt? Denkt u niet dat de wetenschap zelf zou moeten zorgen voor het behouden van het publieke vertrouwen? Is het niet veel waarschijnlijker dat u zelf, juist door dit soort wereldvreemde adviezen, het publieke vertrouwen in de wetenschap ondermijnt?

 

Denkt u niet dat mensen in de afgelopen decennia zo mondig geworden zijn dat zij echt wel zelf kunnen bepalen of zij gebruik willen maken van homeopathie of niet? En dat zij zich niet meer willen laten betuttelen door overheidsmaatregelen die hun keuzevrijheid aan banden legt?

 

Ik zou het waarderen als u mijn vragen zou willen overdenken en dan, als u zich werkelijk hebt verdiept in de materie, hierover nog eens met mij van gedachten zou wisselen. U weet me te vinden, toch?

 

Met een vriendelijke groet,

 

Yvonne van Stigt, master in de klinische Psycho Neuro Immunologie*

 

* Die titel in de klinische Psycho Neuro Immunologie wordt door azijnzeikers (excusez le mot) nog wel eens bestempeld als pseudo wetenschap. Dan weet u dat vast. Gelukkig zijn mijn ervaringen, kennis en inzicht niet afhankelijk van een titel.

 

Het was deze week in het nieuws, er is bij een in Nature gepubliceerd onderzoek ontdekt dat de inkt van tattoos zich door het lichaam verplaatst. Het heeft mij altijd verbaasd dat er mensen zijn die hun lichaam versieren met inkt die je met een naaldje in de huid aanbrengt. Alsof die inkt daar netjes blijft zitten. Maar goed, ieder zijn keuze.

 

We weten al heel lang dat onze huid allerlei stoffen kan doorlaten. We gebruiken dat systeem om medicijnen of voedingsstoffen op te nemen. Er zijn tenslotte hormoonpleisters en vitaminecrèmes.

 

Wanneer je de huid ‘beschadigt’ met een tattoonaald kan die inkt natuurlijk verder het lichaam in. En je weet niet wat die inkt in je lichaam aanricht.

 

Als je een kleine tattoo aanbrengt zul je daar waarschijnlijk geen last van krijgen, maar wat gebeurt er precies als je meerdere grote tattoos aanbrengt? Of wanneer je meer dan de helft van je lichaam opleukt met een tattoo?

 

Eerlijk gezegd weten we het niet. De inkt zal vermoedelijk via het lymfesysteem worden afgevoerd richting het bloed. Ik heb geen idee of er iets bekend is over eventuele schadelijke effecten. Ik denk wel dat niet iedereen op dezelfde manier zal reageren op de inktbelasting. (Wat een gek woord eigenlijk.)

 

Als je detoxificatiesysteem goed werkt, hoef je er waarschijnlijk geen last van te hebben. Dat geldt overigens ook voor roken en alcoholgebruik. Als je lever gezond is, kun je nu eenmaal meer toxische stoffen verwerken.

 

Maar wat nu als je al rookt, drinkt, snuift, slikt en spuit?

Kan dat allemaal samen dan misschien teveel worden voor je lever?

En wat als je daarbij ook nog wat medicijnen slikt, ongezond eet en niet veel beweegt?

Wat zou er gebeuren als je ouder wordt, waardoor je ontgiftingscapaciteit minder wordt en je misschien wel op dezelfde manier wilt blijven leven als voorheen?

 

Wat denk je?

 

Hopelijk wordt er door dit onderzoek nu goed gekeken naar de giftigheid van de inktsoorten, zodat er veilige inktsoorten ontwikkeld en gebruikt zullen worden. Al denk ik niet dat dit voor mij een argument zal zijn om dan wel een tattoo te laten zetten.

 

Yvonne van Stigt, master in de klinische Psycho Neuro Immunologie

Wat zou in een oorlogssituatie beter werken, alleen aanvallen, of ook zorgen voor een goede defensie? In ons lichaam werkt het net zo.

Het ziet ernaar uit dat de ooit door de klassieke geneeskunde ingeslagen weg van ‘kill the enemy’ toch niet leidt naar totale gezondheid, het zou zelfs wel eens een doodlopende weg kunnen zijn. De infectieziektes zijn weliswaar onder controle, maar nu staan we oog in oog met een nieuwe vijand; de welvaartsziektes.

 

Het leek zo veelbelovend, medicijnen die bacteriën te lijf kunnen gaan. De zogenaamde antibiotica hebben inderdaad vele levens gered, maar terwijl we met medicatie de aanval inzetten, vergaten we om de verdediging op peil te houden. (Nou ja, als je een vaccinatie ziet als het versterken van de verdediging, dan hebben we niet stil gezeten.)

 

We gingen (en gaan) ervan uit dat het gezond houden van mensen vooral afhing van het doden van de vijand, of dat nu virussen, parasieten, bacteriën of kankercellen zijn.

 

Kill!

 

Hopelijk beginnen we nu wel in te zien dat het niet handig is om alle energie in de aanval te stoppen. Zo langzamerhand dringt het ook in de medische wereld door dat we het immuunsysteem niet moeten negeren.

 

Dat afdoden van indringers met antibiotica of chemotherapie niet zo heel gunstig is voor de eigen afweer is geen nieuws meer. Maar het lijkt wel of er geen andere opties zijn!

 

Toch denken we daar in de complementaire geneeskunde anders over. Wij denken dat een gezond lichaam in principe geen indringers zal binnenlaten. Daar hebben we tenslotte een immuunsysteem voor. Maar dan zul je er wel voor moeten zorgen dat je immuunsysteem zijn werk kan doen.

 

En er is gelukkig veel wat je zelf kunt doen om je immuunsysteem zo gezond mogelijk te maken.

 

  1. Uit onderzoek is gebleken dat de voedingsstaat van de moeder rond de conceptie al bepalend is voor de gezondheid van het kind. Nu is dat natuurlijk voor ons allemaal al te laat, maar mocht je nog ouders willen worden, dan kun je nog iets veranderen.
  2. Bij een goede start van het leven spelen een vaginale geboorte en het geven van borstvoeding een belangrijke rol bij de ontwikkeling van het immuunsysteem van je kindje. (Ja ik weet dat dit niet altijd allemaal lukt, maar als je de keuze hebt….. )
  3. Overdreven hygiëne draagt niet bij tot een betere gezondheid. Lekker buiten in de modder spelen is echt niet vies.
  4. Van een beetje kou worden we niet ziek, wisselende temperaturen dragen bij tot een sterk immuunsysteem.
  5. Een goede nachtrust is essentieel voor een goede immuunfunctie. Wie niet goed slaapt, zal dus op zoek moeten naar de oorzaak. Soms ligt deze gewoon naast je.
  6. Voedingsmiddelen die niet bij je passen, kunnen je immuunsysteem triggeren. Breng je immuunsysteem tot rust door te eten wat wel bij je past. Zuivel en gluten zijn veel voorkomende triggers. Wie weet voel je jezelf veel beter zonder deze voedingsmiddelen. Ik zou (als je goed voor jezelf wilt zorgen)sowieso niet teveel zoetigheden, geen kunstmatige toevoegingen of voorbewerkte voeding eten. Het immuunsysteem kan alleen goed werken als er ook de benodigde voedingsstoffen aanwezig zijn. Tja, en dan is variatie in je voedingspatroon dus heel belangrijk!
  7. Kant-en klare kruidenmixen bevatten veel zout en kunstmatige toevoegingen, terwijl de authentieke kruiden en specerijen allerlei gezondheidsbevorderende effecten hebben. Denk aan knoflook, ui, kurkuma, kaneel, komijn, salie, rozemarijn, tijm, oregano en nog veel meer. Ga gewoon lekker koken met verse kruiden en specerijen.
  8. De vitaminen A en D zijn essentieel voor je immuunsysteem, natuurlijk is ook vitamine C belangrijk, maar toch denk ik dat vitamine A en D misschien nog wel belangrijker zijn. Vroeger aten we veel orgaanvlees, waarin veel A en D aanwezig zijn. Ook levertraan bevat veel vitamine A en D, we kregen niet voor niks vroeger één keer per week een lepeltje levertraan. (Dat is ook echt genoeg.) Overigens kan een perfect gezond mens vitamine A zelf maken vanuit bètacaroteen, zoals in worteltjes. Maar bij heel veel mensen lukt dit niet zo goed. Als je geen dierlijke producten eet, zul je daarom moeten opletten dat je hierin geen tekorten oploopt. Om voldoende vitamine D te bemachtigen hebben we niet voor niets de aanmaak in de huid door zonlicht. Deze vitamine is zo belangrijk dat er in de evolutie voor gezorgd is dat we hier nooit tekort van zouden krijgen. Maar wie had er in de oertijd ooit gedacht dat ons leven zich nu binnenshuis zou afspelen?
  9. ZINK! Zonder het sporenelement zink kan ons immuunsysteem niet goed functioneren. Je herkent een zinkgebrek aan witte vlekjes op de nagels, vaak verkouden zijn, een verminderde smaak en reuk of darm- en huidklachten. Als je echt een zinktekort hebt, wordt het moeilijk om het vanuit je voeding aan te vullen. Dan zul je professionele hulp moeten zoeken. Voedingsmiddelen met veel zink zijn: oesters, pompoenpitten en lever.
  10. Wees lief voor je darmen. Je hebt je darmflora nodig om je immuunsysteem te reguleren. Gebruik daarom antibiotica niet onnodig, veel van deze medicijnen doden een groot gedeelte van je gezonde darmflora. Je kunt overwegen om gefermenteerde voedingsmiddelen te eten, om de darmflora te verbeteren. Maar dit valt niet bij iedereen even goed, dat blijft uitproberen. Ga niet op eigen houtje probiotica gebruiken. Er is niet één goed product wat bij iedereen past en je weet niet wat jij nodig hebt.
  11. De psyche heeft een grote invloed op je immuunsysteem. Stress onderdrukt je immuunsysteem en dat merk je na verloop van tijd. Zorg daarom goed voor jezelf.
  12. Beweeg! Sporten is echt niet altijd immuunversterkend, maar bewegen heeft daarentegen vele positieve effecten. Lekker wandelen in de buitenlucht doet al wonderen.

 

Als je ondanks alle bovenstaande maatregelen toch nog vaak ziek bent, zou ik eens een professional opzoeken die je kan helpen met jouw zoektocht. Je vindt deze deskundige speurneuzen op deze website.

 

Yvonne van Stigt, master in de klinische Psycho Neuro Immunologie

We rollen in de media na de laatste publicatie in de Lancet weer over elkaar heen; Weinig koolhydraten en veel vet, veel koolhydraten en weinig vet. Welles, nietes… Waarom is er geen consensus? Er wordt toch heel veel onderzoek gedaan? Kan die wetenschappelijke consensus op het gebied van voeding er eigenlijk ooit wel komen? Bekijken we voeding wel op de juiste manier?

 

Allemaal vragen, die hopelijk beantwoord worden in het blog van vandaag.

 

Eran Segal (een onderzoeker uit Israël) heeft in een Tedtalk verslag gedaan van zijn onderzoek, waaruit een conclusie getrokken wordt die wel heel erg aansluit bij wat ik al die jaren in de praktijk gezien heb (en overal heb lopen roeptoeteren). Vandaag doe ik (voor de mensen die moeite hebben met het Engels, of geen tijd hebben om het te beluisteren) verslag van zijn Tedtalk. (In cursief zie je het verslag van zijn verhaal)

 

Waarom worden we nog steeds ziek? Als de wetenschap de waarheid over voeding gevonden zou hebben, hoeven we toch geen voeding- en lifestylegerelateerde ziektes meer te hebben? Of weten we wel wat goed voor ons is, maar luisteren mensen niet goed? Worden mensen ziek omdat zij de voedingsadviezen niet opvolgen of omdat zij verkeerde adviezen krijgen?

 

Volgens Eran Segal stellen we de verkeerde vragen, we onderzoeken namelijk de voeding en niet de mensen. Wat zou er gebeuren wanneer je de boel omdraait en gaat kijken wat voeding met verschillende mensen doet. Hoe het individu reageert op diverse voedingsmiddelen? Wat blijft er dan nog over van de huidige adviezen?

 

Het moge duidelijk zijn dat we niet allemaal hetzelfde zijn. We hebben een verschillende genetische predispositie, verschillende levenservaringen, we zijn opgegroeid met antibiotica of met een voedingspatroon waar onze darmflora door floreerde. De een heeft veel bewogen en de ander is aan bed gekluisterd. Zelfs de manier hoe je door je moeder gekoesterd bent in je vroege jeugd heeft effect op het functioneren van je lichaam.

 

Deze verschillen zorgen ervoor dat we allemaal anders op voeding reageren. Dit is precies de reden dat we er niet uitkomen met wetenschappelijk onderzoek. Dit is dus ook de reden dat er goeroes en bloggers zijn, die tegenstrijdige geluiden laten horen over wat wel en niet gezond is. En weet je wat? Ze hebben allemaal gelijk! Want wat voor de een niet werkt, is voor de ander fantastisch.

 

Voor mijn vaste lezers is dit niets nieuws, ik breng deze boodschap al een aantal jaren. Wat wel nieuw is, is dat deze boodschap onderbouwd wordt door wetenschappelijk onderzoek. Laat je verbazen door de uitkomsten.

 

Het onderzoek wat Eran Segal met zijn team heeft uitgevoerd betrof het effect van voeding op de bloedglucosewaarden, omdat bloedglucoseverhoging na het eten een goede parameter is (maar natuurlijk niet de enige juiste parameter) om te zien of iemand op weg is naar diabetes.

 

Na het eten wordt glucose opgenomen in het bloed en met behulp van insuline weer uit het bloed verwijderd richting de cellen. De zogenaamde postprandiale bloedglucose waarde zegt dus iets over hoe je lichaam reageert op een voedingsmiddel.

 

Bij veel koolhydraten/glucose in de voeding, zal het lichaam (mits je niet bewogen hebt voor de maaltijd) meer insuline maken en het richting de cellen sturen. Een teveel aan glucose wordt dan opgeslagen als vet in de vetcellen en dan krijg je honger, vervolgens ga je nog meer eten en word je dikker.

 

Eran Segal refereert in zijn Tedtalk aan een andere studie waarbij is gebleken dat hogere postprandiale bloedglucosewaarden gecorreleerd zijn aan hogere sterftecijfers. (Of dit veroorzaakt werd door te weinig bewegen voor het eten, of gewoon teveel koolhydraten in de voeding laten we voor nu even in het midden.)

 

In zijn eigen onderzoek kwamen verrassende resultaten naar voren. Via apparatuur werd van 1000 ‘gezonde’ vrijwilligers continue het bloedglucosegehalte gemonitord.  Gemiddeld eten mensen 50 maaltijden per week, dit onderzoek leverde daarom 50.000 reacties op verschillende maaltijden.

 

In zijn algemeenheid zorgden een grotere hoeveelheid koolhydraten voor een hogere postprandiale glucosewaarde, meer vetten resulteerden in een lagere glucosewaarde. Maar het bijzondere was dat er toch ook heel veel onverwachte afwijkende uitslagen waren.

 

Wit brood had bij de een geen effect, maar wel bij de ander. Er waren voor elk voedingsmiddel hele verschillende glucosereacties. Niet iedereen reageerde dus op dezelfde manier op specifieke voeding.

 

Tja, daar staan we dan. Er zijn hele lijsten beschikbaar waarin je kunt aflezen hoe snel de glucose wordt opgenomen in het bloed. Wat moeten we daar nu mee? Kloppen die dan wel?

 

Er zijn zelfs tegenovergestelde reacties bij de diverse mensen geregistreerd. Zo waren er mensen die wel heftig reageerden op rijst en niet op ijs, of andersom. Meer mensen reageerden op bruine rijst, dan op ijs. Terwijl de meeste voedingsdeskundigen juist wel bruine rijst adviseren. (Denk nu niet dat je dus veel ijs kunt eten.) 

 

Oeps!

 

Het bijzondere aan de opzet van deze studie is dat er juist naar de verschillen gekeken werd, in plaats van naar de overeenkomsten. Bij de meeste onderzoeken worden de afwijkende uitkomsten aan de kant geschoven om de grootste gemene deler te vinden. Hiermee denken we de ‘waarheid’ over voeding te kunnen vinden, maar dit lijkt een achterhaalde gedachte.

 

De glycemische reactie op voeding blijkt volkomen individueel te zijn! Er bestaat dus niet iets als het beste dieet voor ons allemaal!

 

Voedingsadvies moet vooral persoonlijk zijn! (Dat wisten jullie vast al wel, maar het is fijn om het ook door officieel gepubliceerd onderzoek bevestigd te zien).

 

Hoe we op voeding reageren hangt af van onze genetische predispositie, leeftijd, gewicht, mate van insulineresistentie, samenstelling van de darmflora, ontstekingen, stress, leefomstandigheden, medicijngebruik, beweging, toxische belasting etc….

 

In het vervolgonderzoek werden op basis van een algoritme twee gepersonifieerde (‘goed en slecht’) voedingspatronen met dezelfde calorische waarde samengesteld. Op het ‘slechte dieet’ had de proefpersoon hoge postprandiale glucosewaarden, op het ‘goede dieet’ (passend bij de persoon) waren de glucosewaarden na de maaltijd niet verhoogd.

 

Uit deze onderzoeken kun je de conclusie trekken dat het idee dat mensen alleen dikker worden doordat zij zichzelf overeten niet klopt. Het ligt net wat gecompliceerder. Mensen met hogere postprandiale glucosewaarden gaan meer insuline produceren, waardoor zij glucose gaan opslaan als vet en vervolgens moe zijn en honger hebben omdat de brandstof niet beschikbaar is voor energieproductie. Dat zij daarna meer gaan eten en nog dikker worden is een logisch gevolg.

 

Deze mensen eten meer dan hun lichaam kan omzetten in energie, maar dat ligt dus niet aan hun discipline, maar aan hun fysiologie. Dat kun je geen overeten noemen.

 

De energiebalans mag dan misschien wel een verklaring geven voor overgewicht , maar wanneer je die verklaring omdraait en inzet als oplossing zie je een belangrijk werkingsmechanisme over het hoofd. Deze mensen kunnen niet minder eten en meer bewegen om af te vallen.

 

Een andere bijzondere uitkomst van het onderzoek was dat mensen die een passend voedingspatroon volgden, een gunstige verandering van hun microbioom bewerkstelligden! Door verandering van hun ‘dieet’ herstelde de darmflora.

 

In een ander (muizen) onderzoek van Eran Segal is aangetoond dat het gebruik van kunstmatige zoetstoffen de samenstelling van het microbioom veranderde en wel zodanig dat de muizen symptomen van diabetes vertoonden.(OEPS!)

 

De conclusie van het onderzoek is dat er geen algemeen geldende gezonde voedingspatronen zijn. We weten wel welk voedsel geschikt is voor mensen in het algemeen, maar dat betekent niet dat het ook goed is voor jou. Algemene dooddoeners zoals:

  • Ik eet alles met mate maar varieer voldoende
  • Wat onze grootouders aten moet ook goed zijn voor mij
  • Mensen zijn planteneters
  • Ik eet wat ik lekker vind en ik mankeer niks
  • Ik heb nu eenmaal altijd zo gegeten, dus is het goed voor mij

hoeven helemaal niet te kloppen. Er is maar één ding wat je wel kunt zeggen:

 

Je lichaam laat zien of wat je eet op dit moment bij je past!

 

Je zult dus zelf moeten ontdekken wat bij jou past en dat is niet altijd eenvoudig! Wanneer je gewend bent om je bloedglucoserespons te meten na het eten, heb je waarschijnlijk snel inzicht in je eigen systeem. Voor anderen is dat nog niet zo makkelijk. Toch heb ik zelf ervaren dat ook een verhoging van de hartslag na het eten een indicatie in die richting kan geven.

 

We zijn er in elk geval nog niet, maar we zijn op de goede weg! Geweldig dat er mensen zijn zoals Eran Segal die op een andere manier durven te denken!

 

Voor wie op zoek wil gaan naar zijn eigen voedingspatroon kan ik aanraden eens te kijken naar het boek De oerspronkelijke keuken. Hierin vind je meer dan 120 maaltijden op basis van 4 verschillende soorten oervoeding.  Milde oervoeding, basis oervoeding, koolhydraatbeperkte oervoeding en vegetarische oervoeding. Daar vind je vast recepten die wel aansluiten bij jouw lijf.

 

Yvonne van Stigt, master in de klinische Psycho Neuro Immunologie


Heerlijk, de zomer is weer aangebroken. Lekker buiten eten, luieren op een ligbed aan het strand en de kinderen die hele dag in het zwembad spelen. Het is voor velen van ons het ideale plaatje van een zalige zomervakantie. Maar wat als jouw kinderen in het zwembad niet lekker zijn, doodmoe worden, zich anders gaan gedragen, of galbulten of jeuk krijgen? Wat als je zelf dit soort klachten krijgt na langdurig dobberen op je luchtbedje?

 

Even voorop gesteld, de meeste mensen hebben geen last van dit soort klachten na zwemmen. Maar toch kan het gebeuren dat jouw kind onverklaarbaar hysterisch wordt na een zwempartijtje, of zich helemaal gek krabt na een weekendje in een huisje met een zwemparadijs.

 

Wat is er dan aan de hand?

 

Het klinkt misschien vreemd, maar we kunnen via de huid allerlei stoffen opnemen. De huid lijkt ‘water’dicht, maar dat is maar schijn. De huid en de slijmvliezen kunnen heel snel nutriënten, vetten, hormonen, giftige stoffen en medicamenten opnemen.

 

In een gewoon zwembad wordt er chloor gebruikt om te zorgen dat er niet teveel bacteriën in rondzwemmen. Dat is een niet geheel onnodige veiligheidsmaatregel. (Er zijn overigens ook zwembaden waar een zoutoplossing gebruikt wordt voor dit doel). Je moet er tenslotte niet aan denken dat je met andere mensen met voetschimmel, darminfecties of etterende puisten in een bak water dobbert zonder ontsmettingsmiddelen. Jakkes.

 

Dus wordt er chloor gebruikt.

 

Chloor wordt via de huid opgenomen en zal door de lever opgeruimd moeten worden. En dat gaat niet altijd even makkelijk. Er zijn nu eenmaal mensen bij wie de leverpaden niet optimaal werken, ook op jonge leeftijd.

 

Bij kinderen met ADHD of autisme, maar ook bij mensen met chronische aandoeningen, zijn er vaak (aangeboren) verstoringen in de leverpaden, met name in de zwavelroute (sulfatie) en de glucuronidatie. (Sorry, moeilijke woorden, maar zo heten ze nu eenmaal. Dat heb ik ook niet verzonnen.) En deze twee detoxificatieroutes zijn heel belangrijk voor het opruimen van chloor (en nog veel meer andere stoffen).

 

Je raadt het waarschijnlijk al, door chloor in het zwemwater kun je, soms al na een half uurtje zwemmen, je lever overbelasten. Dat merk je dan door een plotseling optredende intense vermoeidheid, jeuk, gedragsproblemen of ‘brain fog’. En dan kan je kind ineens veranderen in een monster of een zombie.

 

Nogmaals, dit probleem geldt niet voor iedereen. Wanneer je lever optimaal functioneert, zul je hier geen last van hebben. Het is alleen een issue voor mensen (en kinderen) bij wie de lever het soms moeilijk heeft.

 

Wat kun je doen?

 

Je kunt natuurlijk zwembaden met chloor vermijden, maar ja, dat is niet altijd leuk. Het is handiger om op momenten dat je geen keuze hebt, die overbelaste lever een handje te helpen. Dat doe je door de sulfatie en de glucuronidatie te ondersteunen.

 

Als je meteen na het zwemmen een voetenbadje met bitterzout neemt, ondersteun je met de sulfaten in het bitterzout (via de huid) de sulfatie. Het drinken van bitterzout is niet effectief, de sulfaten worden slecht via de darm opgenomen en verlaten in sneltreinvaart het lichaam. Met als gevolg dat je moet rennen naar het toilet.

 

Wat ook kan helpen is het drinken van kombucha, dit ondersteunt de glucuronidatie. Als dat niet werkt is het raadzaam om een deskundig behandelaar te raadplegen. Je vindt ze hier.

 

Een bitterzoutvoetenbadje maak je met een bak warm water met een eetlepel bitterzout daarin opgelost. Kombucha kun je kant en klaar kopen in de natuurvoedingswinkel, of zelf thuis maken met een zwam. Die zwam is lastiger te vinden, die krijg je meestal van bekenden die hem delen.

 

Ik hoop dat voor jou al deze maatregelen niet nodig zijn en dat je kunt genieten van een heerlijke zomer.

 

Yvonne van Stigt, master in de klinische Psycho Neuro Immunologie

Afgelopen week kwam er een publicatie van de American Heart Association (AHA) voorbij waarin alle alarmbellen rinkelden. Kokosolie zou, omdat het een verzadigd vet is, leiden tot hart- en vaatziekte. Daarna werd er in verschillende nieuwsbrieven de noodklok geluid. Kokosolie zou de lymfebanen verstoppen met gestold vet en we mogen het niet meer eten.

 

Zucht.

 

Jammer toch dat deze cardiologenclub (want dat is het eigenlijk) nu weer opnieuw de hele wereld in verwarring brengt met ongenuanceerd en oud ‘nieuws’. Gedegen onderzoek laat zien dat hun stellingen gewoon niet kloppen. Hier vind je een aantal meta-analyses en reviews die aantonen dat verzadigd vet helemaal geen hart-en vaatziekte veroorzaakt.

 

Uit publicaties kun je wel concluderen dat het eten van verzadigd vet het LDL cholesterolgehalte verhoogt. Maar is dat dan een oorzaak van hart-en vaatziekte?

 

Nee.

 

Het LDL cholesterolgehalte op zich zegt helemaal niks over je risico op hart-en vaatziekte. LDL bestaat namelijk uit meerdere onderdelen! Er zijn kleine en grote LDL partikels. Het eten van verzadigd vet verhoogt alleen de ‘large buyant LDL’, dat zijn grote LDL deeltjes. Verzadigd vet verhoogt niet de ‘small dense LDL’. En juist die kleine deeltjes LDL worden geassocieerd met het ontstaan van hart-en vaatziekte. Maar daar wordt door de AHA helemaal niet over gesproken.

 

Het is op zijn zachtst gezegd ‘verdacht’, dat een club die naarstig op zoek is naar fondsen, een studie publiceert op basis van enkele discutabele studies en conclusies trekt waardoor de margarine producenten in een gunstig daglicht komen te staan.

 

Maar betekent dit dan dat je wel veel kokosolie moet eten?

 

Laten we voorop stellen dat wie gevarieerd eet, weinig tot geen risico loopt op een overdaad van wat dan ook. En ik denk dat we toch allemaal kunnen bedenken dat overdaad schaadt, ook van kokosolie. Wie een pot per week wegwerkt valt wat mij betreft onder de ‘heavy users’. Tenzij je misschien zorgt voor de catering van een weeshuis.

 

Maar goed, nu willen jullie van mij natuurlijk horen of kokosolie wel of niet gezond is.

 

Kokos is een verzadigd vet en het lijkt mij verstandig dat je niet alleen verzadigde vetten eet, maar ook onverzadigde vetten. Verzadigde vetten vind je in kokos, roomboter, vlees, kaas, zuivel en chocola (HELP). Wanneer je veel van deze producten eet, zou ik je willen adviseren om in elk geval ook de vetten uit vis, olijven en olijfolie, noten en zaden te eten. Dan krijg je tenminste ook voldoende Omega 3, 6 en 9 binnen. Het gaat tenslotte allemaal om de balans.

 

Kokosolie wordt heel snel omgezet in ketonen, wat gunstig zou kunnen zijn voor mensen met een verstoorde bloedglucoseregulatie. Het brein kan deze ketonen snel gebruiken om er energie van te maken en dat merk je. Het helpt tegen het hongergevoel.

 

Maar er is zoals altijd ook een keerzijde. Kokos bevat veel salicylaten. Dat zijn stoffen waar sommige mensen last van krijgen. Zij krijgen last van allergische verschijnselen door het eten van kokos. Voor hen is kokos geen goede keuze. Net zoals er mensen zijn die allergisch reageren op vis of op noten. Je kunt dus ook ziek worden van gezonde voeding, als je er tenminste gevoelig voor bent.

 

Kies overigens wel een goede kwaliteit kokosolie, er is nogal wat rommel op de markt. Maar dat geldt natuurlijk voor al je voedingskeuzes.

 

Het idee dat kokosolie in je lichaam stolt en daardoor de lymfevaten verstopt is natuurlijk onzin. Kokosolie wordt vloeibaar bij een temperatuur rond de 25 graden. Zolang jouw kerntemperatuur niet onder de 25 graden komt, zou ik me daar geen zorgen over maken.

 

De conclusie is simpel: Variatie is het sleutelwoord, maar luister naar je lichaam wanneer je vermoedt dat sommige producten niet goed bij je passen. Als je nog wat inspiratie nodig hebt voor meer variatie kan ik je mijn kookboeken aanraden. Je vindt ze hier.

 

Yvonne van Stigt, master in de klinische Psycho Neuro Immunologie

 

De zomer is aangebroken en iedereen geniet van het mooie weer. We kunnen toe met minder kleren en dan wordt zichtbaar dat er in de afgelopen decennia toch echt iets veranderd is in Nederland. Waar vroeger alleen de wat oudere dames met bloemetjesschorten(OMG, ik word echt oud) en oudere heren uitdijden rondom de taille, zie je nu steeds meer kinderen en jongeren met een blubberbuikje.

 

Tja, het is een lastig onderwerp. Ik wil er zeker geen oordeel over vellen (alhoewel de naam blubberbuikje wel negatief klinkt), maar ik wil uitleggen waarom dit vetrolletje zo graag over de rand van de broek heen kijkt. Het maakt namelijk nogal wat uit waar je precies uitdijt. De gevolgen van buikvet op je gezondheid zijn veel groter dan van vetopslag op de billen. Een blubberbuikje kan een signaal zijn dat je in de trein stapt, op weg naar diabetes.

 

Buikvet ontstaat bij een glucoseoverschot. Wanneer je teveel koolhydraten(suikers en zetmeel) eet in verhouding met hoeveel je daarvan in energie kunt omzetten, word je dikker (en dan meestal op de buik). Normaal gesproken wordt de glucose die niet gebruikt wordt als eerste opgeslagen in de vorm van glycogeen in de lever en de spieren. Maar als de glycogeenopslagplaatsen vol zijn, zal de glucose die niet gebruikt kan worden om energie van te maken, opgeslagen worden in de vorm van vet. Een mooie opslagplaats is dan het omentum, ofwel het buikvlies.

 

Er zijn twee situaties waarbij de glucose omgezet wordt in vet. Wanneer je teveel koolhydraten eet en te weinig beweegt, of in het geval van insulineresistentie. Misschien heb je daar al eens iets over gehoord, maar ik zal er toch nog even mijn licht over laten schijnen.

 

Bij insulineresistentie zijn de spiercellen ongevoelig geworden voor insuline, met als gevolg dat glucose niet zo makkelijk de spiercel in kan. Want insuline zorgt ervoor dat glucose gebruikt kan worden om er energie van te maken. Insuline klopt op de deur van de cel, waarna glucose naar binnen kan. Daar kan er dan energie van gemaakt worden.

 

Bij insulineresistentie lukt dit niet zo goed. De glucose kan dan wel de vetcellen in, waar het wordt opgeslagen als vet.

 

En ja hoor, dan krijg je zo’n leuk vetrolletje boven de rand van je broek en ben je moe. Nou ja, leuk….

 

Veel mensen denken dat je insulineresistentie ontwikkelt door het eten van teveel zoetigheid. En ik denk dat het anders zit. Volgens mij schakelt het lichaam zelf de insulinereceptoren uit, als oplossing voor een onderliggend probleem. Ik zie het als een noodmaatregel, als een oplossing waarbij er brandstof gespaard wordt voor het brein of voor het immuunsysteem. Naar mijn idee ligt de oorzaak daarom in een verborgen ontstekingsreactie (of allergie), of een chronische stresssituatie.

 

En weet je wat? Bij die noodsituaties krijg je vanzelf trek in koolhydraten, je gaat vanzelf meer eten om toch nog energie te kunnen maken. En hoe meer koolhydraten je gaat eten, hoe meer vetrolletjes er ontstaan…

 

De oplossing ligt dus niet alleen in meer bewegen en het minderen van de koolhydraten, maar vooral ook in het zoeken naar de onderliggende oorzaak. Een goede behandelaar kan je helpen met je speurtocht. Is het een verborgen ontstekingsreactie of een chronische stresssituatie?

 

In mijn boek de Oerspronkelijke keuken vind je veel koolhydraatbeperkte gerechten, van ontbijt tot avondmaaltijd. Ga maar eens aan de gang om te zien of jij je blubberbuikje weg krijgt, daarmee voorkom je dat jouw trein vertrekt richting diabetes.

 

Yvonne van Stigt, master in de klinische Psycho Neuro Immunologie