De epidemiologie vormt de basis voor de medische wetenschap. Je test een medicijn of een voedingsmiddel op groep mensen en als de meerderheid goed reageert is het in orde. Hoe groter de groep hoe harder het bewijs. Het klinkt voor veel mensen logisch, maar inmiddels voor mij niet meer.

 

Misschien komt het omdat ik twee decennia lang met cliënten heb gewerkt die tegen muren opliepen in de gangbare geneeskunde, of misschien is het omdat mijn eigen lichaam nooit paste in de gangbare protocollen, maar ik zie de logica niet. Ik snap niet hoe je mensen allemaal over één kam kunt scheren, in een protocol kunt duwen en dan zeggen dat het wetenschappelijk bewezen is.

 

Voor wie is het wetenschappelijk bewezen? Voor de meerderheid van de groep? Wie zijn die mensen dan? En waarom reageert de minderheid dan niet positief?

 

Het is voor mij een vreemd concept, net zo vreemd als het maken van één schoenmaat voor alle mannen in Nederland. Op basis van wetenschappelijk onderzoek is vastgesteld dat mannen gemiddeld schoenmaat 43 hebben. We verkopen dus alleen maat 43. Als je dan na een paar dagen terug gaat naar de winkel met pijnlijke tenen wordt er naar een oplossing gezocht. O, u heeft last van zere tenen? Nou we hebben ook wel andere schoenen, we hebben ze ook in het bruin. Als de bruine schoenen dezelfde klachten veroorzaken zegt de verkoper: “Tja, het is wetenschappelijk bewezen dat deze schoenen goed zijn voor de gemiddelde mens, dus als u klachten heeft zal dat wel tussen de oren zitten. Gaat u maar eens praten met een psycholoog.”

 

Oergezond- gezondheidsdeskundige

Dit klinkt natuurlijk idioot, maar het is precies wat veel van mijn cliënten meemaken. Je komt bij de dokter met buikpijn en er wordt van alles onderzocht. Omdat je zelf aangeeft dat je buikpijn krijgt van brood en niet van glutenvrij brood wordt er ook een coeliakie onderzoek gedaan. De uitslag is negatief, je hebt geen coeliakie, PUNT. De arts verwijst je naar de diëtist die je adviseert om vooral veel brood te eten in verband met de nodige vezels. Je vertelt weer dat je buikpijn krijgt van brood, maar nee, dat kan niet. Brood is gezond voor mensen, dus ook voor jou, die buikpijn zit tussen de oren (dat heet een SOLK tegenwoordig) en je moet maar eens gaan praten met een psycholoog.

 

Gelukkig is er een verandering op komst: personalized medicine, dat is geneeskunde op maat! Het wordt al toegepast bij de behandeling van kanker. Er wordt voor een behandeling eerst een DNA profiel van de tumor gemaakt om zo de juiste chemo te kunnen geven. Nu vraag ik me wel af waarom er geen DNA profiel van de patiënt bekeken wordt. Ik denk dat je juist zou moeten kijken naar de herstelmogelijkheden van het lichaam. Een tumor kan zich toch heel snel aanpassen? Is dat dan niet dweilen met de kraan open? Maar goed, daar hebben de deskundigen hopelijk wel over nagedacht.

 

Een nieuwe ontwikkeling in de personalized medicine is de nutrigenetics. Dit is een nieuwe wetenschap die kijkt welke voedingsstoffen passen bij jouw genetisch profiel. Met jouw DNA profiel kun je in de toekomst door deskundigen laten uitzoeken wat wel, maar zeker ook wat niet bij je past. Dat is geen eenvoudig klusje en er zijn nu nog geen artsen en therapeuten zo ver dat ze je even in een uurtje jouw handleiding uitleggen. Degenen die met deze materie gestart zijn, hebben het razend druk, maar ook zij zijn lerende. Het staat nog in de kinderschoenen en je zult daar als patiënt zeker ook zelf het een en ander voor moeten doen. Ik denk wel dat het de geneeskunde van de toekomst zal zijn, maar voordat deze kennis echt is opgebouwd, zijn we zomaar 10-20 jaar verder.

 

Het grote voordeel van nutrigenetics is dat tegen die tijd mensen niet meer dood hoeven te gaan aan ‘bijwerkingen’ van medicijnen. Maar ook dat je dan precies weet welk narcosemiddel voor jou geschikt is. Je hoeft dan niet meer flauw te vallen van een tandartsverdoving omdat jouw lever het middel niet kan detoxificeren. Je weet dan met zo’n onderzoek precies met welke stoffen je jouw lever kunt helpen in het detoxificatieproces. Ook weet je dan of jouw kindje last krijgt van vaccinaties of niet. Of dat jij misschien juist wel of geen broccoli moet eten, of wel of geen koffie kunt verdragen. Over een jaar of 15.Oergezond-boeken

 

Ik heb zelf zo’n test gedaan, maar oh wat is het ingewikkeld en complex! Het is met zo’n testuitslag nu nog een gigantische zoektocht naar passende voeding. Gelukkig kloppen mijn bevindingen (mijn eigen ervaringen) wel helemaal met wat er uit het onderzoek komt. Er zijn nog niet zo veel collega’s die zich op dit pad begeven, in Amerika loopt men daarin voorop. En nee, ik kan hierin nog geen mensen begeleiden. Ik weet inmiddels wel dat ik dagelijks bijleer en me daardoor in nederigheid afvraag of we ooit in staat zullen zijn om de complexiteit van het menselijk lichaam te doorgronden.

 

Ik wil je toch even waarschuwen; Wantrouw iedereen die met stelligheid weet te vertellen wat jij zou moeten eten. Echt, nederigheid is op zijn plaats. Voor mij is duidelijk dat hoe meer ik weet, ik alleen maar ontdek dat ik eigenlijk steeds minder weet.

 

Een ding is wel helder, je lichaam liegt niet. We moeten veel beter luisteren naar de signalen die ons lichaam ons geeft. Of dat nu buikpijn, hoofdpijn, brainfog of jeuk is, het zijn signalen die je niet moet negeren. In plaats van dit soort kwaaltjes af te doen als ongemakken, kun je ze ook zien als lichamelijke alarmsignalen.

 

Voorlopig is de nutrigenetics nog geen gemeengoed. Dat betekent dat we daarom moeten leren luisteren! Ga eens een paar weken lang alles opschrijven! Je zult zien dat je heel veel inzicht krijgt in de reacties van je lijf. Er is hier recent een mooi en handig hulpmiddel voor verschenen. Een praktisch logboekje voor maar zes euro. Je vindt het hier. Hiermee krijg je echt al heel veel inzicht, zelfs zonder DNA analyse.

 

Yvonne van Stigt, Master in de klinische Psycho Neuro Immunologie

Overal lees je succesverhalen van mensen die zich fantastisch voelen, maar bij jou wil het nog niet lukken. Oké, oké, je smokkelt nog wel zo nu en dan, maar dat valt best wel mee. (Althans, dat denk je.) Herken je dit? Je doet je best om gezonde keuzes te maken en toch heb je nog steeds klachten. Je stopt met je dagelijkse yoghurt en je stapt over naar amandelmelk, maar je huid knapt nog niet op. Of je eet geen tarwe meer, maar de buikpijn is nog niet weg. Het kan zijn dat je alle suikers weglaat en toch nog zo verschrikkelijk moe blijft. Er zijn zelfs mensen die alles doen wat goed is en toch geen gram afvallen. (Been there, done that.)

 

Balen, nietwaar?

 

Natuurlijk is het geweldig voor al die mensen die van al hun kwalen verlost zijn door een gezonde levensstijl, maar wat moet je nu als het bij jou niet lijkt te werken?

 

Om te beginnen is er natuurlijk niet één wonderdieet wat voor alles en iedereen werkt. Het is geen leuke boodschap, maar voeding is maatwerk. Ook al krijg je de indruk van hippe goeroes dat je door het drinken van groene smoothies van je ‘lovehandles’ verlost wordt, het zal echt niet voor iedereen werken. Chipz, waarom nou niet?

 

Ook ik weet er alles van, zeker na een bepaalde leeftijd (ahum) wordt het allemaal nog een beetje ingewikkelder. Mannen hebben daar bijna geen last van, ja het is oneerlijk.

 

Maar goed, wat doe je dan? Leg je jezelf daarbij neer? Of ga je op onderzoek uit? En waar begin je dan?

 

Ikzelf heb me er nooit bij neergelegd, gelukkig maar, want door mijn speurtocht kan ik jullie een stapje verder helpen. Het is het handigst om eerst maar eens te inventariseren. Wat eet je eigenlijk exact? Weet je wel precies wat je elke dag gedachteloos naar binnen schuift? Heb je wel een idee wat bepaalde voeding met je doet? Echt? Weet je het heel zeker?oergezond-gezondheidsdeskundige

 

Het is niet eenvoudig om de relatie tussen bepaalde kwaaltjes en voeding te ontdekken. Je kunt dat alleen doen als je een periode alles heel precies opschrijft. Nee, natuurlijk is dat niet leuk om te doen, maar het geeft zoveel inzicht!

 

Je schrijft echt alles op; wat je eet, wanneer, hoeveel, wat je drinkt, snuift, slikt, poept, beweegt én hoe je je voelt. Als je dat een paar weken gedaan hebt, kun je bepaalde patronen ontdekken. Het zou kunnen dat je toch meer at dan je dacht. Of juist minder. Het is mogelijk dat je gaat ontdekken dat je moe wordt van het eten van suikers, of juist van eiwitten. Ook kun je ontdekken dat die spinaziesmoothie bij jou voor pijnklachten zorgt. Hé, dat is raar! Dat kan toch niet? Spinazie is toch gezond? Blijkbaar is spinazie dan voor jou geen goed idee. Spinazie bevat namelijk veel oxalaten en als je daar overgevoelig voor bent, krijg je er klachten van.

 

Het kan zijn dat je ontdekt dat granen niet goed vallen, dat is dan niet leuk, maar niet onoverkomelijk. Je kunt heel goed leven met een graanvrij voedselpatroon. Anderen merken dat de zuivel klachten veroorzaakt, ook daarmee is er geen man overboord. Er zijn legio alternatieven te vinden om zuivel te vervangen, of om zuivelvrij te eten. Lastiger wordt het voor mensen die reageren op alle gezonde groenten, zij hebben misschien een overgevoeligheid voor salicyaten en phenolen. Dat is iets wat je niet kunt testen in bloedonderzoek, maar wat je alleen kunt uitzoeken met behulp van een voedingsdagboek. Zij zullen met behulp van een deskundige op zoek moeten naar een oplossing.

 

Er is gelukkig ook goed nieuws. Als je ergens verkeerd op reageert, hoeft dat helemaal niet te betekenen dat je de rest van je leven die voedingsmiddelen niet meer kunt eten. Een deskundige kan uitzoeken waarom je zo reageert. In vele gevallen is er nog veel winst te behalen als je de oorzaak wegneemt. Jammer genoeg is dat voor coeliakie nog niet mogelijk.

 

Ik lees steeds vaker dat er op eigen initiatief een IgG4 bloedonderzoek gedaan wordt, zelfs via internet. Daar komt dan uit waar je lichaam op reageert. Als je zo’n test zonder deskundige begeleiding doet, ligt het voor de hand om al die voedingsmiddelen dan maar te ‘skippen’. Ik kan je vertellen dat zo’n aanpak geen goed idee is, net zo min als het weglaten van vele voedingsmiddelen op basis van een voedingsdagboek.

 

Als je teveel voedingsmiddelen zomaar gaat vermijden, loop je de kans op ’ondervoeding’, ofwel je gaat te eenzijdig eten. Voedingsgeneeskunde is een vak, er zijn niet voor niets hoog opgeleide professionals om je te kunnen adviseren. Je vindt ze hier.

 

Wel slim is het om, voordat je een professional bezoekt, eerst eens een paar weken een voedingsdagboek bij te houden. En je wordt op je wenken bediend. Er is net afgelopen week een nieuw boekje uitgekomen! Je vindt het hier.

[fusion_builder_container hundred_percent=”yes” overflow=”visible”][fusion_builder_row][fusion_builder_column type=”1_1″ background_position=”left top” background_color=”” border_size=”” border_color=”” border_style=”solid” spacing=”yes” background_image=”” background_repeat=”no-repeat” padding=”” margin_top=”0px” margin_bottom=”0px” class=”” id=”” animation_type=”” animation_speed=”0.3″ animation_direction=”left” hide_on_mobile=”no” center_content=”no” min_height=”none”]

Oergezond-logboekje

Weet jij wat je echt eet?

 

Voor maar 6 euro krijg je niet alleen een logboek voor een maand, maar ook smakelijke info over poep én handige voedingstips. Hiermee kun je meteen aan de slag!

 

Ik wens jullie allemaal een oergezonde zomer!

 

Yvonne van Stigt, Master in de klinische Psycho Neuro Immunologie

 [/fusion_builder_column][/fusion_builder_row][/fusion_builder_container]

Ja echt, je leest het goed. Dik, dom en lui. Zo worden mensen met overgewicht nog maar al te vaak bekeken. Luie mensen zonder ruggengraat en zonder doorzettingsvermogen die zich maar de hele dag volvreten vanuit hun luie stoel. Echt, zo wordt er over mensen met overgewicht gedacht. Tot mijn verbazing heb ik dit de afgelopen week weer eens mogen ervaren. Ik dacht echt dat we op de goede weg waren, maar helaas, vandaar dit blog. Wat mij zo verbaasde was dat het zelfs collega’s zijn die zo over obese mensen praten, maar ook artsen in ziekenhuizen die onderling grapjes maken over de drie D’s, de domme dikke diabeet. Bah, je gelooft af en toe je oren niet.

 

Fatshaming wordt het genoemd, mensen belachelijk maken om hun gewicht.

 

In feite is het een vorm van discriminatie, en dan geen discriminatie die ontstaan is in een tijd dat we nog maar weinig bewustzijn hadden. Nee dit is een trend die pas in de afgelopen 40 jaar is ontstaan. Discriminatie in het krijgen van werk, op het gebied van relaties, maar ook leuke kleding zoeken is niet zo eenvoudig en je past niet in een vliegtuigstoel. Maar het ergste is de manier hoe er naar je gekeken wordt. Zodra je eens een keer iets doet wat bijna iedereen normaal vindt, zoals een ijsje eten, kun je wachten op de opmerkingen.

 

Hoe het komt?

 

Op een gegeven moment is ons verteld dat ieder pondje door het mondje gaat, dat je vanzelf afvalt als je maar minder eet en meer beweegt. We denken dat het leven maakbaar is, als je maar je best doet, lukt het wel. Als je zo redeneert, lijkt het logisch om mensen met overgewicht als losers te beschouwen. Want als ze hun best zouden doen, zouden ze geen overgewicht hebben. Zucht… Het vasthouden aan de energiebalans draagt nu niet bepaald bij aan nuancering. Ik heb er onlangs een blog over geschreven, dat vind je hier.

 

Kom op zeg, we weten toch allang dat het niet zo simpel is als de meeste mensen denken? Ik ben er van overtuigd dat er maar weinig mensen te dik zijn omdat ze willens en wetens zich zelf volproppen, zonder dat daar een fysieke oorzaak onder zit. Ja echt! Er zijn overigens ook heel veel redenen waarom mensen niet afvallen terwijl ze wel netjes eten en bewegen.

 

We weten inmiddels dat de darmflora eigenlijk bepaalt wat je eet. En die krijg je bij je geboorte van je moeder mee.  Als je geluk hebt is die flora een beetje in balans, maar als je pech hebt, word je in je vroege jeugd al geprogrammeerd voor overgewicht. Ga daar dan maar eens tegenin met minder eten en meer bewegen. Dat werkt dan eventjes, als je op wilskracht je mond dicht ritst. Drie maal raden wat er gebeurt als je daarmee stopt. En zeg nou zelf, zou jij een streng dieet je hele leven volhouden?

 

En dan hebben we het nog niet eens over allerlei aandoeningen die ervoor zorgen dat je niet af kunt vallen, ook al eet je nog zo gezond. Denk maar aan lipoedeem, schildklierziektes en de ziekte van Cushing. Ook al houd je bij die aandoeningen veel vocht vast, je moet dat gewicht wel mee sjouwen.

 

En hoe zit dat dan met emotie-eters? Hm…, emoties de schuld geven vind ik wel erg makkelijk, daarmee wordt ook weer met de vinger gewezen. ‘Zie je wel, je bent labiel!

 

Emotionele zaken zijn in feite een vorm van stress en dat heeft nu eenmaal zijn uitwerking op het fysieke lichaam. Door het bestuderen van de fysiologie ga ik steeds meer begrijpen dat er ook lichamelijke oorzaken zijn waardoor iemand angstig is of labiel of stress ervaart. Zo kan een aangeboren hobbel in de zwavelhuishouding, of een teveel aan histamine al de stress-as aanzetten, zonder dat er een tijger of een vervelende schoonmoeder in de buurt is. Met zo’n hobbel word je geboren en bijna niemand weet van zichzelf dat dit probleem speelt. Maar je wordt wel aangewezen als stress-kip, of emotie eter. Lekker dan!

 

Wie denkt dat mensen veel eten en niet bewegen door luiheid of gebrek aan discipline heeft het mis. Deze reacties zijn een beschermende overlevingsfunctie, ook daar heb ik al vaker over geschreven. Je vind het hier en hier

 

De ervaringsdeskundigen onder ons weten verdomd goed hoe moeilijk het is om met discipline tegen de behoefte van het lichaam in te gaan. En toch doen ze het keer op keer (zonder blijvend resultaat), omdat ‘deskundigen’ maar blijven hameren op die energiebalans. Al deze mensen willen niet gelabeld worden als dik, dom en lui. Ze gaan ervoor, ze diëten en sporten en hopen dan langzaam wat resultaat te boeken. Zij weten hoe het voelt om afgerekend te worden op iets waar ze erg hun best voor doen, maar wat niet lukt. In feite hebben ze levenslang.

 

Naar mijn idee zijn mensen met overgewicht dus uit balans. Het woord ziek gebruik ik liever niet, dat bewaar ik liever voor een griep of zo. Zij zijn dermate uit balans dat zij de dingen gaan eten waar hun darmflora om vraagt, of zij moeten extra eten omdat hun immuunsysteem om extra brandstof vraagt, of omdat een stressreactie de brandstofvoorraad leeg haalt..

 

Als je zelf jarenlang tobt met je gewicht weet je als geen ander hoe complex het proces van gewichtsbeheersing is. En toch wordt een diëtiste met overgewicht moeilijk geaccepteerd. Ik las onlangs zelfs dat een collega gezondheidsadviseurs die zelf niet gezond zijn ongeloofwaardig noemde. Ik weet niet wat slimmer is, advies krijgen van een goed opgeleide ervaringsdeskundige of iemand die zelf alles kan eten en dus geen idee heeft wat het inhoudt om overgewicht te hebben.

 

Het kan anders! Juist vanwege mijn eigen ervaringen en jarenlange zoektocht naar oplossingen voor overgewicht heb ik het boek Oerslank geschreven. Oerslank-boek1In dit boek worden verschillende stukjes van de puzzel uitgelegd. Er zijn inmiddels honderden Oerslank-experts opgeleid in de fysiologie en achtergronden van gewichtsverlies. De Oerslank experts helpen je weer op weg naar een gezonde balans, waardoor je lichaam vanzelf het bij jou passende gewicht bereikt. Oerslank is bedoeld voor mensen bij wie dat niet vanzelf gaat, voor mensen die uit balans zijn en op zoek willen gaan naar het ontbrekende stukje van de puzzel. De subtitel van mijn boek is niet voor niets: ‘Waarom zij wel en ik niet?’

 

Ik zal de disclaimer in het boek Oerslank bij de volgende druk aanpassen: Geschikt voor mensen met een open mind die hun eigen handleiding  willen ontdekken. Niet geschikt voor mensen die op zoek zijn naar een killerbody en oordelen over het overgewicht van anderen.

 

Yvonne van Stigt Master in de klinische Psycho Neuro Immunologie

 

P.S. Er is net een nieuw handig hulpmiddel verschenen om je eigen handleiding te ontdekken; Het Oergezond logboekje; Weet jij wat je echt eet? Je vindt het hier.

oergezond.nu- gezondheidsdeskundige

Je kent het vast wel, ben je net goed op weg met gezonde voedingsgewoonten, ga je op vakantie. Weg alle goede voornemens. En heus, je was echt van plan om jezelf in te houden. Geen wijntjes, croissantjes en knapperige Italiaanse pizza’s. Nee, je zou je dit jaar netjes gedragen op vakantie. Haha.

 

In de afgelopen jaren heb ik heel wat van mijn cliënten horen verzuchten dat het weer niet gelukt was om het vol te houden. Dat de verleidingen op vakantie toch echt te groot waren. Die heerlijke Franse kaas op een stukje stokbrood, de verrukkelijke Engelse high tea of de aanlokkelijke Belgische bonbons, ze zijn vaak sterker dan jouw goede voornemens.

 

Het gekke is dat de meeste mensen geen moeite hebben om die ‘heerlijkheden’ te weerstaan zolang ze nog thuis zijn, maar zodra zij op vakantie zijn, gaan alle remmen los. Zodra de eerste hap of slok genomen is, is er geen houden meer aan. Zelfs als je er buikpijn, huiduitslag of hoofdpijn van krijgt. Want ach, het is maar voor eventjes, het is tenslotte vakantie.

 

Zelf heb ik altijd ervaren dat het geen moeite kost om verleidingen te weerstaan, als het smokkelen serieuze klachten veroorzaakt. Zo zal iemand met coeliakie het wel uit zijn hoofd laten om zich te buiten te gaan aan een croissantje. Het is het gewoon niet waard, je krijgt met coeliakie zulke heftige klachten als je een keer iets verkeerds eet! Wanneer je meteen afgestraft wordt, is het dus niet zo moeilijk. Lastiger wordt het als je de consequenties niet meteen merkt. Als je suikervrij wilt eten vanwege bloedglucoseschommelingen zul je vermoedelijk niet meteen omvallen na de eerste hap van een Bossche bol. Je merkt dat pas als je de volgende dag een onbedwingbare trek hebt in méér suiker. En dan is het dubbel lastig om er weer mee te stoppen.

 

Een echt gezond lichaam heeft geen moeite met verleidingen, dan doen al die lekkernijen je niks (meer). Wanneer je echt gezond bent, kun je best eens iets eten wat niet binnen je normale voedingspatroon past, daar heb je dan geen last van. Zolang je nog likkebaardend langs de banketbakker loopt, weet je al dat er nog iets uit balans is. Toch is het ook mogelijk dat de lucht van versgebakken brood je tegen staat. Echt waar, ik heb dat zelf ook, nu ik al zo’n 15 jaar geen brood meer eet. Het doet me niks meer, die lucht vind ik nu echt niet lekker meer.

 

Maar goed, hoe ga je er nu mee om als je nog wel last hebt van verleidingen?

 

Om te beginnen zou ik de verleidingen zoveel mogelijk vermijden. Een high tea is geen goed idee voor mensen die suiker ‘verslaafd’ zijn. Je stuurt een alcoholist tenslotte ook niet naar een café. Bedenk van te voren goed welke gelegenheden voor jou problemen kunnen veroorzaken, een goede voorbereiding is het halve werk.

 

Zorg dat je altijd iets bij je hebt wat je wel kunt eten. Als je met de auto naar Spanje rijdt kun je onderweg bij benzinestations meestal niks fatsoenlijks krijgen (ook al wordt dat wel beter). Zorg voor wat nootjes, snoeptomaatjes, komkommer, radijsjes en fruit in je tas. Die kun je ook in het buitenland wel ergens vinden.

 

Oergezond- gezondheidsdeskundige

Ga je naar een hotel, dan kan het lastiger zijn om de typische ontbijtjes  van witte broodjes met chocopasta te vermijden. Bij een buffet met wat eiergerechtjes heb je nog wat keuze, maar ook dat is gewoonlijk nog een uitdaging. Als het ontbijt te erg is, kies ik er zelf meestal voor om het ontbijt maar over te slaan, dat kan meestal geen kwaad.

 

Kom je op vakantie in sociale situaties terecht waar de drank rijkelijk vloeit, drink dan water tot het je oren uitkomt. Water met bubbels, met een schijfje citroen, stukjes fruit of gewoon plat water. Zodra je begint met het eerste alcoholische drankje, staat de deur open voor de volgende. Laat je niet onder druk zetten, je bent niet ongezellig als je water drinkt! Je kunt ook zonder alcohol lol maken! Als de druk erg groot wordt, zorg dan dat je de BOB bent. Dat maakt het een stuk makkelijker.

 

Uit eten gaan is meestal niet meer zo’n probleem. In de meeste restaurants is er wel iets te vinden wat je kunt kiezen. Laat vlees en vis zonder saus serveren, groenten uit het water of een frisse salade moet je echt overal kunnen krijgen, maar je zult het wel met de ober moeten bespreken. Afwachten of er iets fatsoenlijks op je bord komt, is gewoonlijk niet verstandig.

 

In pretparken is het nog niet erg normaal om gezonde voeding te verkopen. Je kunt zelf iets meenemen, maar dat wordt niet overal getolereerd. Leg dan uit dat je een allergie hebt, daarmee gaan vaak wel deuren open.

 

Samengevat kun je als de gevolgen te overzien zijn, best een oogje dichtknijpen tijdens de vakantie. Maar als je van te voren echt besluit om het anders te doen, zul je de dingen zo moeten organiseren en plannen dat het ook echt een kans van slagen heeft.

 

Oergezond-boekenVoor wie het lastig vind om op vakantie ook gezond te eten, is er een heel praktisch boekje met supersnelle en makkelijke recepten: Oergezond het jaar rond. Dat past vast nog wel in de koffer! Daarmee kun jij ook op de camping gevarieerde en simpele maaltijden op tafel toveren.

 

Ik wens jullie alvast een oergezonde zomer!

 

Yvonne van Stigt, master in de klinische Psycho Neuro Immunologie

Het lijkt een open deur:’ We zijn grotendeels zelf verantwoordelijk voor onze eigen gezondheid.’ Het klinkt zo eenvoudig, je neemt even het heft in eigen hand en dan ben je weer gezond. Natuurlijk is het niet simpel, het is zelfs een hele opgave! Het thema gezondheid is iets van deze tijd. Vijftig jaar geleden was er helemaal geen belangstelling voor gezond leven. Alleen de geitenwollen sokken types bekommerden zich om biologische en verantwoorde voeding en die werden toen maar wat vreemd aangekeken.

 

In mijn jeugd kregen we voor het eerst televisie. (Ja echt, zo oud ben ik al.) Het was een wonder, de kinderen uit de straat kwamen op woensdagmiddag bij ons thuis TV kijken. Verder speelden wij buiten. Rolschaatsen, touwtje springen, skippyballen, knikkeren, hinkelen, kaatsenballen, hoelahoepen, stoepranden, verstoppertje spelen, tollen en zo meer. Dat ging vanzelf. Je hoefde niet in beweging gebracht te worden, er was geen schermpje waaraan je verslaafd was. Je kon buiten of binnen SPELEN.

 

Voor de intrede van de radio, televisie en vooral van internet waren we gewoon niet op de hoogte van alle mogelijkheden op het gebied van voeding. Je at wat er was, reclame kenden we eigenlijk niet en als je iets mankeerde ging je naar de dokter. Hij gaf je een medicijn en als je dat slikte werd je beter (of niet, maar daar zeurde niemand over). Niemand die twijfelde aan de kennis van de arts of aan de betrouwbaarheid van het medicijn. Hoezo eigen verantwoordelijkheid? Er werd ook vooral nergens over gepraat, zeker niet over je kwalen.

 

Goh, wat is er veel veranderd!

 

Geleidelijk aan zijn er dingen veranderd, dingen die wij vooruitgang noemden. ‘Verbetering van onze levenskwaliteit’. We kregen elektrische apparaten voor het huishouden, supermarkten waar je naar eigen believen je kar kunt vol gooien, vaccinaties om kinderziektes uit te roeien, conserveermiddelen in ons voedsel zodat we het langer konden bewaren, instant aardappelpuree, jus in een pakje, teflon pannen die niet aanbakken, kunstboters die je cholesterol zouden verlagen, sportscholen waar je naar toe gaat omdat je anders niet meer beweegt, plastic bakjes om je eten in te vervoeren, roltrappen, plastic flesjes met koolzuurhoudende frisdranken, anti-biotica tegen infecties, croissantjes die je zelf thuis kunt maken uit een blikje, onkruidbestrijdingsmiddelen, kunstmest, fastfoodketens waar je in de auto je ‘gelukkige maaltijd’ kunt opeten, een telefoon zonder draadje, smaakstoffen die je het idee geven dat je aardbeien eet terwijl dat niet zo is, vloeibare light bakolie met roombotersmaak, chips gemaakt van tarwe met smaakstoffen in een koker, sapjes in een pakje om mee naar school te nemen omdat je met water het niet overleeft een hele dag, mixdrankjes, beertenders, magnetronovens, pizza bezorgers en nog veel meer. Te veel om op te noemen.

 

En dat noemen we vooruitgang.

 

Ik weet het, er zijn heus ook veel dingen wèl echt verbeterd in de afgelopen eeuw, maar daar heb ik het nu niet over. Waar het mij om gaat is dat we in de afgelopen halve eeuw zo veel dingen hebben veranderd die bij nader inzien niet zo heel verstandig bleken te zijn. Met het voortschrijdende inzicht weten we we nu dat pesticiden ons lichaam geen goed doen. We weten nu dat anti-biotica levensreddend kunnen zijn, maar dat je het niet te pas en te onpas moet gebruiken. Maar het gekke is dat we het nu dankzij internet wel allemaal kúnnen weten, maar dat een groot deel van de wereld hier niet over na wenst te denken. Laat staan dat de industrie iets zal veranderen wat geld oplevert.

 

De oudere generatie is dan ook niet gewend om hun eigen verantwoordelijkheid te nemen op het gebied van gezondheid. Dat zie je ook terug in ziekenhuizen en vooral bij oudere artsen. Probeer daar maar eens aan te komen met een standpunt wat niet binnen het protocol past. Voor de jongere generatie is het makkelijker.  Zij kunnen, dankzij alle beschikbare kennis, wel bewuste keuzes maken voor hun eigen gezondheid. Gelukkig is de groep die dit ook echt doet enorm aan het groeien.

 

Oergezond-GezondheidsdeskundigeDe meesten willen wel gezond eten, maar weten vaak niet hoe! Het begint allemaal bij je verdiepen in de materie. Je zult moeten weten hoe het werkt, anders kun je geen goede keuzes maken! Lees jezelf in, ga op speurtocht naar goede informatie op internet, of koop een goed boek. (Ik weet er wel een, waarin veel wordt uitgelegd :)).Oergezond-boeken

 

En ja, natuurlijk spreken ‘deskundigen’ elkaar tegen! Maar er zijn meerder wegen die naar Rome leiden! Natuurlijk zijn er hoogleraren die met droge ogen op TV kunnen vertellen dat roomboter slecht is voor je cholesterol. Natuurlijk proberen fabrikanten van kunstvoeding hun imago op te poetsen door te melden dat zij nu met ‘groene’ ingrediënten werken. Ach, zie het maar zo, het zijn de stuiptrekkingen van een oude orde. Het zal niet lang meer duren totdat wij met zijn allen bewust worden van wat er mis gaat in de samenleving. En dan verandert het vanzelf.

 

Als je dan wat kennis hebt opgeduikeld, kun je de reacties van je lichaam beter duiden. Dat wordt er nu bedoeld met luisteren naar je lichaam! Herkennen van reacties en dan begrijpen wat er bij jou van binnen gebeurt. Schrijf op hoe je jezelf voelt na een maaltijd, trek daar conclusies uit en ga op zoek naar wat bij jou past! Neem die verantwoordelijkheid! Je zult het echt zelf moeten doen, er is niemand die het voor je doet. Op deze manier word jij je eigen goeroe, daar kan geen hoogleraar tegenop.

 

Yvonne van Stigt, Master in de klinische Psycho Neuro Immunologie

We worden decennia lang gehersenspoeld met het idee dat een beetje meer bewegen en minder eten, leidt tot gewichtsverlies. Hoe kan het dan dat we met zijn allen toch steeds dikker worden? We weten toch hoe we op gewicht moeten blijven? De energiebalans verklaart alles. Wat er in gaat en niet gebruikt wordt, zorgt voor overgewicht. Zo klaar als een klontje, we doen het helemaal zelf, eigen schuld, dikke bult.

 

Of niet soms?

 

De energiebalans is inderdaad een logische gedachte en deze klopt gedeeltelijk. Als je meer eet dan wat je lichaam gebruikt, word je inderdaad dikker, maar het is allemaal niet zo simpel als het lijkt. Er zit een adder onder het gras. Nou ja, was het maar één adder, het is een ware slangenkuil!

 

Om te beginnen maakt het nogal uit wát je eet. Niet alle brandstof wordt in het lichaam op dezelfde manier verwerkt. Normaliter kun je vetten, koolhydraten en eiwitten gebruiken om energie van te maken, maar elke brandstof heeft zijn eigen proces (wat niet bij iedereen even goed hoeft te functioneren). Om dan al deze energiebronnen met dezelfde meeteenheid (calorieën) te meten vind ik onlogisch. Een calorie is een energie-eenheid die gebruikt wordt om de hoeveelheid energie in voedsel aan te geven, waarbij gekeken wordt naar de gemiddelde hoeveelheid energie die nodig is om een gram water met één graad te verwarmen.

 

Werkt het verbrandingssysteem van de mens dan net zoals het verwarmen van water? Misschien heb ik ergens niet goed opgelet, maar ik begrijp het niet. Een glucosemolecule levert aeroob (met zuurstof) veel meer energie dan anaeroob (zonder zuurstof). Vetten kunnen alleen met zuurstof verwerkt worden en leveren de meeste energie. Ook eiwitten kunnen als brandstof gebruikt worden, maar dat is minder wenselijk, die wil je graag behouden voor de opbouw van je lichaam. De verschillende brandstoffen zijn daarom niet zo maar met elkaar te vergelijken. Het effect van de ene calorie is dus niet gelijk aan het effect van een andere calorie. Mensen die overstappen op een koolhydraatbeperkt dieet kunnen dit beamen. Zij eten meer vet (=meer calorieën) en minder koolhydraten en vallen toch af.

 

Een teveel aan koolhydraten wordt omgezet in vet. Waarom worden die koolhydraten dan niet gewoon gebruikt om energie van te maken? Dat zou zo prettig zijn! Maar dat lukt niet altijd. De belangrijkste spelbreker hierbij is het immuunsysteem, wat vooral glucose als energiebron gebruikt. Als het immuunsysteem veel brandstof nodig heeft (bij een ontsteking) zal het lichaam ervoor kiezen om de spieren tijdelijk minder toegankelijk te maken voor glucose (insulineresistentie), om zo meer glucose voor het immuunsysteem over te houden. Als deze ontstekingsreactie lang duurt, krijg je vanzelf zin in zoet omdat ook het brein graag glucose gebruikt. Er ontstaat een strijd om brandstof met als gevolg dat de spieren de suikers niet kunnen gebruiken. Je wordt moe en je hebt zin in zoet, waar dat toe leidt hoef ik niet uit te leggen.

 

En ja, ik weet het, wetenschappelijk onderzoek laat soms andere conclusies zien, maar ik vraag me af of die onderzoeken worden gedaan met gezonde mensen of met mensen die iets mankeren (en wat mankeren zij dan?). Naar mijn idee is het bijna niet te doen om onderzoek te doen met groepen mensen terwijl je niet precies weet waar het mis gaat in hun individuele stofwisseling. Bovendien wordt er in onderzoek nooit gekeken naar de samenhang van het hele systeem, dat is namelijk veel te ingewikkeld, daar heb je kennis en inzicht van alle systemen voor nodig. Ik weet wel dat mijn eigen lichaam (net als dat van een groot deel van mijn cliënten van de afgelopen 20 jaar) heeft laten zien dikker of slanker te worden bij een gelijk voedselpatroon. Ik weet dat ik pas gewicht verlies als mijn immuunsysteem tot rust komt (als mijn darmen helen) en dat ik zwaarder word bij een ontsteking in mijn darmen. En nee, ik hoef niet aan de leugendetector, ik snoep en drink niet stiekem.

 

Er zit nog een adder onder het gras. Het is niet eenvoudig om vast te stellen hoeveel energie je lichaam gebruikt. Het energieverbruik hangt namelijk niet alleen af van hoeveel je beweegt. Je metabolisme, ofwel je energieproductiecapaciteit is bepalend voor wat je verbruikt. De energieproductiecapaciteit in de cellen is voor een deel genetisch bepaald, maar er zijn veel factoren die het proces kunnen verstoren. Denk daarbij aan oxidatieve stress, toxische stoffen, virussen, hormonen en dergelijke. Wanneer de mitochondriën goed werken kun je vet verbranden en wordt de stofwisseling versneld. (Met een snelle stofwisseling kun je veel meer eten dan met een trage stofwisseling.) Wanneer je mitochondriën en je schildklier niet meewerken heb je het koud en ben je moe, dat scheelt nogal in je energiegebruik en dus ook in hoeveel je kunt eten.

 

Met name in de laatste 50 jaar is er veel veranderd in de wereld waardoor ons lichaam niet meer zo functioneert als voor die tijd. Als voorbeeld geef ik het gebruik van antibiotica, waarmee bij veel mensen de darmflora om zeep geholpen is en het is maar de vraag of die zich weer vanzelf herstelt. Als moeder geef je die flora door aan je kinderen bij de geboorte, zij starten dan al met minder goede bacteriën in de darmen om het immuunsysteem optimaal te laten werken. In feite zetten we daarmee de deur open voor pathogenen; bacteriën en parasieten, met een ontstekingsreactie als gevolg.

 

Als het immuunsysteem (of het brein) meer brandstof nodig heeft en je lichaam schreeuwt om zoet kun je dat niet negeren!Tegelijkertijd zul je geen zin hebben om te bewegen, je gaat tenslotte geen energie verspillen aan bewegen bij een brandstoftekort. Vervolgens kan de schildklier trager gaan werken omdat je ook zeker geen energie zult verspillen aan de warmteproductie.

 

Oergezond-gezondheidsdeskundigeHet idee dat obese mensen geen ruggengraat hebben slaat dus nergens op. Hun eet- en bewegingsgedrag is het gevolg van de behoefte van hun lichaam, een instinctmatige reactie. Ga daar maar eens tegenin met wilskracht en discipline! Als het je wel lukt om met discipline en eindeloos hongeren een killerbody te krijgen, je haar uitvalt van ellende en je immuunsysteem te weinig brandstof heeft, kom je van de regen in de drup. Want het merendeel van de mensen valt na verloop van tijd weer terug in het oude patroon.  En hoe komt dat? Niet omdat zij slap zijn, of omdat de verleidingen om ons heen te groot zijn. Dat heeft alles te maken met de onderliggende problematiek die je niet oplost en misschien wel verergert met lijnen.  Een echt gezond mens heeft geen behoefte aan zoet en vet eten en heeft daarom geen last van verleidingen. Geen wonder dat de meeste afvalprogramma’s gedoemd zijn om te mislukken.

 

Giel Beelen heeft vorige week gezegd wat bijna iedereen denkt; dat dikke vrouwen niet goed voor zichzelf zorgen. Welnu, ik ben er klaar mee. Onze hele cultuur is gericht op slank, fit en gezond zijn. Een gezond en fit lichaam heb je zelf in de hand, als dat niet lukt, ben je een loser. Deze boodschap horen we zelfs van ‘deskundigen’! (Zij die het zelf niet hebben ervaren, weten niet wat het is.) Opmerkingen als:”Je bent niet eerlijk over wat je allemaal eet, of elk pondje gaat door het mondje” zijn wat mij betreft niet meer van deze tijd.

 

‘Shaming en blaming’, ofwel vingerwijzen,  is denigrerend, invaliderend en demotiverend. Het ongenuanceerd vasthouden aan de energiebalans draagt niet bij aan het zelfvertrouwen van mensen met overgewicht. Om werkelijk iets te veranderen zul je mensen moeten uitleggen hoe het werkt. Niet om hen een excuus te verschaffen om zich ergens achter te kunnen verschuilen, maar om hen te laten beseffen dat ze niet schuldig zijn als ze te dik zijn. Je bent echter wel verantwoordelijk voor of (en de manier waarop) je het probeert op te lossen. En echt, met de juiste aanpak kun je het lichaam weer op weg helpen naar gezondheid. Dat is alleen niet zo simpel als overal wordt voorgesteld.

 

Oergezond-boekenOm je daarbij te helpen heb ik het boek Oerslank geschreven, waarin de focus ligt op gezond worden. In het boek wordt uitgelegd hoe je je eigen handleiding kunt ontdekken, met veel praktische handvatten. En voor mensen die er zelf niet uitkomen zijn er inmiddels honderden bij de Oerslank organisatie aangesloten experts die wel begrijpen hoe het werkt. Laat je niet verleiden om met uithongeren en discipline je kilo’s te lijf te gaan! Het gaat tenslotte om gezondheid en niet om een killerbody.

 

Yvonne van Stigt, Master in de klinische Psycho Neuro Immunologie.

Oergezond-boekenIn mijn boeken en blogs leg ik van alles uit over voeding en gezondheid. Als biomedisch behandelaar ben ik opgeleid om mensen met klachten te adviseren, ik doe mijn best om maatwerk+ te leveren. Daarmee ben ik eigenlijk een vreemde eend in de bijt van de gezonde voeding. Mijn collega bloggers, foodies, sporters, voedingsdeskundigen en personal trainers, richten zich op gezonde mensen. En dat is een heel groot verschil, want voor hen geldt in het algemeen het ‘one size fits all’ principe.

 

Juist dit onderscheid levert nogal eens verwarring op in voedingsland, want wie heeft er gelijk? Naar wie moet je nu luisteren? Wel of geen gluten? Wel of geen melk? Gezonde mensen kunnen over het algemeen best wat gluten en melk verdragen, maar voor de mensen met klachten is het een ander verhaal. Welk advies je kunt opvolgen hangt dus van af je gezondheid.

 

Maatwerk+ gaat niet alleen over voeding, maar het bevat ook een totaalaanpak om de oorzaak van lichamelijke en geestelijke klachten op te lossen. Omdat ik regelmatig vragen krijg over wat mijn beroep nu eigenlijk inhoudt, zal ik er vandaag iets meer over vertellen.

 

Samen met honderden collega’s ben ik opgeleid in de klinische Psycho Neuro Immunologie, dat kun je beschouwen als een biomedische wetenschap. Hierin wordt de werking van het gezonde en zieke lichaam tot in het diepste detail onderzocht om te begrijpen hoe je het lichaam kunt helpen om aandoeningen te genezen. Dat klinkt indrukwekkend en ingewikkeld en dat is het ook. Het vraagt namelijk een enorme kennis om echt inzicht te krijgen in de werking van het menselijk lichaam. In de huidige  geneeskunde worden symptomen behandeld. Hoe klachten ontstaan en welke werkingsmechanismen daarbij betrokken zijn, is voor de gemiddelde behandelaar niet relevant.

 

Oergezond- gezondheidsdeskundigeAls biomedisch behandelaar ga je als een detective op zoek naar de kern van de klacht. Je bekijkt de symptomen, de hele ziektegeschiedenis en het levensverhaal van de cliënt om relaties te vinden tussen de verschillende klachten en symptomen. De symptomen laten zien welke organen en orgaansystemen een rol spelen, vervolgens is het de kunst om uit te pluizen welke werkingsmechanismen daarbij betrokken zijn. Het lichaam geneest in de regel zichzelf met behulp van de juiste nutriënten, een passend bewegingspatroon, een gezonde leefomgeving en een gunstig sociaal klimaat, maar dan moet je wel eerst weten wat er mis gaat.

 

De traditionele geneeskunde is ontstaan vanuit de oude fytotherapie. Werkzame stoffen uit planten werden gebruikt om het lichaam te ondersteunen. Deze fytotherapie is in feite geneeskunde 1.0. Tegenwoordig worden er ‘geneesmiddelen’ gebruikt die ingrijpen in de biochemie van de mens, maar die vooral gericht zijn op het verminderen van symptomen. Zo ontstond geneeskunde 2.0. Met deze upgrade is het oude programma 1.0 overboord gegooid, en zelfs onklaar gemaakt. De fytotherapie is niet ‘bewezen’ en wordt daarom nog wel eens denigrerend kwakzalverij genoemd.

 

In mijn vakgebied bekijken we het lichaam vanuit het westerse paradigma, we hebben het over dezelfde stofjes, dezelfde systemen en dezelfde anatomie, fysiologie en pathologie. We graven alleen een flink aantal stappen verder en dieper dan de westerse geneeskunde. We bekijken de oorzaken van ziekte, de relaties tussen systemen op het niveau van de biochemie en de celbiologie, maar ook hoe genen en levensomstandigheden een lichaam gezond of ziek kunnen maken. Niks alternatiefs aan zou ik zeggen.

 

Het is mij daarom een raadsel dat ons vak wordt gezien als alternatieve geneeskunde, of erger nog, als kwakzalverij. Wat een onzin! De biomedische benadering is de geneeskunde van de toekomst, het is innovatie pur sang! De biomedische benadering is het allernieuwste programma, de geneeskunde 3.0, of liever nog geneeskunst! Maar goed, zoals bij elke vernieuwing  kost het nog wat moeite om de gebruikers van het oude programma te laten overstappen op het nieuwe systeem. Maar dat komt goed als het oude systeem, net als in de ICT, niet meer ondersteund wordt.

 

Yvonne van Stigt, master in de klinische Psycho Neuro Immunologie

Oergezond-gezondheidsdeskundigeWat denk je? Maken wij mensen bewuste keuzes op het gebied van voeding, beweging en gezondheid?  Vermoedelijk beantwoord je deze vraag bevestigend. Het lijkt er inderdaad op dat wij als mens door de ontwikkeling van ons brein zelf kunnen beslissen hoe we ons leven invullen, wat en wanneer we eten, hoeveel we bewegen, en hoe laat we naar bed gaan. Of niet soms?

 

Het antwoord zal je tegenvallen. Een groot deel van onze beslissingen wordt niet aangestuurd door het bewustzijn, maar door onbewuste systemen van ons lichaam en zelfs door onze darmflora. Dat had je niet gedacht, wel?

 

De mens is geprogrammeerd om alles te doen wat nodig is om te overleven. Onze genen reageren op de levensomstandigheden; als er weinig te eten is, worden de overlevingsgenen aangezet om te kunnen overleven. Je gaat op zoek naar zoet en vet eten om te kunnen overleven. Dat doe je niet bewust, dat doet je lichaam helemaal onbewust. Ten tijde van overvloed is de noodzaak om te overleven minder groot. Maar als er gevaar dreigt, zal er een stressreactie in gang gezet worden. En dan begint het feest.

 

Als je in gevaar bent, heeft je lichaam glucose nodig om te kunnen rennen. Je krijgt dan automatisch trek in zoetigheid, als je dat niet eet, maakt je lichaam zelf glucose. Hoe handig is het om tijdens het rennen voor de beer even te pauzeren om wat te eten? Waarschijnlijk weet je al dat het zo werkt. (Die onweerstaanbare trek in chocola na dat vervelende telefoongesprek met je schoonmoeder?)

 

Niet alleen stress beïnvloedt je eetgedrag, was het maar waar. We weten inmiddels dat je darmflora voor een groot deel bepaalt wat jij op je bord legt. De bacteriën in je buik zijn namelijk nogal kieskeurig wat eten betreft, net zoals jouw kinderen, maar daar houdt de vergelijking dan ook wel op. De bacteriën willen namelijk alleen eten waarvan ze groeien, in tegenstelling tot jouw nageslacht (die kiezen vooral wat ze lekker vinden).

 

Oergezond-boekenEr zijn bacteriën die zo gek zijn op kaas dat ze jou ertoe aanzetten om veel kaas te eten. Andere beestjes doen zich tegoed aan vlees, knappe jongen die dan vegetariër wordt. Raar eigenlijk, je denkt dat je gewoon ergens gek op bent, maar dan blijkt je darmflora aan het roer te zitten. Hoezo vrije keuze? (Er is ook goed nieuws, als je anders gaat eten verandert je darmflora vanzelf.)

 

En nee, je bent niet gewoon gek op brood, het is een soort verslaving. Ook hier is er weer een onbewust mechanisme aan het werk. Je bent dus gek op brood omdat je lichaam erom vraagt! Ik kan je vertellen dat ik in de afgelopen twintig jaar heel wat cliënten van een ‘broodverslaving’ heb weten te bevrijden. Want er waren er nogal wat die bijna misselijk werden van de gedachte dat ze een paar weken geen brood mochten eten. Nou ja, mochten, ik adviseerde mensen met darmklachten om een maand geen brood te eten, met de achterliggende gedachte dat ze na die vier weken geen brood meer zouden willen eten. En echt, dat werkte in de regel geweldig, want als je eenmaal ‘afgekickt’ bent, weet je wat brood met je darmen doet. (En dat bleek over het algemeen niet veel goeds te zijn.)

 

Het is natuurlijk geen echte verslaving, maar het lijkt er wel op. We vermoeden dat dit fenomeen ontstaat door een gebrekkige vertering van gluten waarbij stofjes vrijkomen die je een lekker gevoel geven. En dan wil je meer, veel meer. Hoezo vrije keuze?

 

Hoe zit dat dan met bewegen? Kies je er bewust voor om lekker te gaan sporten, of hijs je jezelf met gepaste tegenzin van de bank? Voor wie zin heeft in bewegen heb ik goed nieuws. Bewegingsdrang, ofwel graag gaan sporten, is een goed teken. Je bent gezond! Een gezond mens wil namelijk bewegen en heeft er zelfs behoefte aan!

 

Wie zichzelf van de bank moet hijsen, of zelfs helemaal niet in beweging komt, heeft te weinig energie om te bewegen. Je staat als het ware in de spaarstand, je lichaam wil geen energie verspillen aan bewegen als er ergens een ontsteking is. Je immuunsysteem staat altijd vooraan als er brandstof uitgedeeld wordt. Daardoor zullen je spieren moeten inleveren. Ook bij beweging heb je dus geen vrije keuze.

 

Ik besef me dat het aantrekkelijk lijkt om je achter dit soort informatie te verschuilen. Alsof je geen verantwoordelijkheid meer hebt voor je eigen keuzes. Je hoeft je niet meer schuldig te voelen als je erg je best doet, en het niet lukt. Wanneer je weet waarom je verkeerde keuzes maakt, wordt het makkelijker om ze te veranderen. Mensen maken geen verkeerde keuzes vanuit desinteresse, domheid of luiheid, er speelt wel degelijk meer mee! En als je daar als diëtist of personal trainer rekening mee houdt, krijg je meer begrip voor mensen die van alles proberen, maar bij wie het allemaal niet lukt.

 

Wil je meer weten over de werking van je lichaam? Lees dan het boek Oerslank, daarin worden nog veel meer interessante werkingsmechanismen uitgelegd.

 

Yvonne van Stigt, master in de klinische Psycho Neuro Immunologie

Deze week kreeg ik een vraafile0001828278912g over hypoglykemie. De vraagstelster had een enorme behoefte aan suikers, en eet deze (wel steeds minder) omdat zij anders niet lekker wordt (trillerig, onrustig, klam en chagrijnig). Zij had uitgezocht op internet dat deze klacht hypoglykemie genoemd wordt. De personal trainer die haar begeleidt had uitgelegd dat dit waarschijnlijk geen echte hypoglykemie is, maar dat het tussen haar oren zou zitten. De dame heeft zich laten testen bij de huisarts, en inderdaad het bloedglucosegehalte was niet te laag, eerder te hoog. Zij maakte zich hierover zorgen en kwam bij mij terecht voor een verklaring van deze klachten.

 

Klopt het dat deze klachten tussen de oren zitten, of is er wel degelijk iets aan de hand?

 

Om te beginnen zie ik alle ‘tussen de oren’ diagnoses als een brevet van onvermogen. Ook al schuift men in de reguliere geneeskunde alles wat niet duidelijk is onder het label placebo of nocebo, dat maak het nog geen legitieme verklaring. Brevet van onvermogen, onkunde, gebrek aan inzicht in de fysiologie, gebrek aan empathisch vermogen en vooral ook arrogantie. BAH!

 
Ja, ik wind me hierover op; en terecht. Ik spreek dagelijks mensen die door artsen met een verlegenheidsdiagnose naar huis gestuurd worden. Zo is prikkelbare darm syndroom er ook zo een. Als je om meer uitleg vraagt, krijg je als het meezit het antwoord dat ze het niet weten, maar nog steeds worden patiënten naar huis gestuurd met een schuldgevoel. ‘Tussen de oren’ is het zelfde als inbeelding of aanstelleritis terwijl de arts eigenlijk eerlijk zou moeten toegeven dat hij het niet weet. Dat vind ik arrogant.

 

Ik weet het, er zijn ook artsen die dit gelukkig wel eerlijk zeggen, maar dan nog? Is het niet vreemd dat een deskundige niet verder nadenkt, het onderzoekt en het mechanisme uitlegt? Want echt, die werkingsmechanismen zijn al lang onderzocht, alleen niet in epidemiologisch onderzoek.

 

Oergezond-boekenMaar goed, we dwalen af. De hypoglykemieverschijnselen zijn echt niet verzonnen door deze dame. Haar lichaam liet heel goed zien dat er iets mis is, het was alleen niet zichtbaar in het bloed op de manier zoals je zou denken.

 

Om te beginnen zou de trainer zich moeten afvragen waarom deze dame zo’n behoefte heeft aan zoetigheid. Dat is niet voor niets, dat komt voort uit een behoefte van het lichaam. Er kunnen allerlei redenen voor zijn, waaronder (oxidatieve) stress, insulineresistentie, een darmprobleem zoals een overmatige Candida infectie, een laaggradige ontsteking in de darm of zelfs problemen in de energieproductie van het lichaam. Dat is iets wat je kunt uitzoeken, als je er tenminste in opgeleid bent.

 

Maar goed, de dame is minder gaan suikers gaan eten, terwijl haar lichaam daar juist wel behoefte aan had. Wat gebeurt er dan? Een gezond lichaam gaat dan over op de verbranding van vetten, maar als dat niet lukt zal je trek houden in zoetigheid. Gelukkig hebben we een goed back-up systeem, als de bloedglucose te laag dreigt te worden ga je suikers maken van eiwitten. Dat doet het lichaam met behulp van adrenaline. En dat is precies wat je voelt als je een ‘hypo’ ervaart terwijl de bloedglucose niet te laag is, maar misschien wel iets te hoog.

 

Want adrenaline geeft een onrustig gejaagd en trillerig gevoel, klamme handen, misselijkheid en chagrijnigheid en het brengt de glucose zo snel mogelijk omhoog, misschien wel even te hoog. Zeker als je moeite hebt om adrenaline op tijd weer af te breken, voel je de adrenaline door je lijf gieren en wordt de glucose steeds hoger. Ik heb onlangs in een blog uitgelegd dat 30% van de mensen moeite heeft met het afbreken van stresshormonen zoals adrenaline. Zo ongewoon is dit verschijnsel dus niet.

 

In plaats van iemand met lege handen of een sticker van inbeelding naar huis te sturen, kun je als professional jezelf ook verdiepen in de werkingsmechanismen. Begin maar eens met het lezen van Oerslank, daarin worden veel werkingsmechanismen uitgelegd.

 

De dame in kwestie is inmiddels gerustgesteld, zij heeft alleen het vertrouwen in haar trainer en huisarts verloren. Zij gaat op zoek naar een behandelaar die de oorzaak van haar zoetbehoefte gaat onderzoeken, maar vooral iemand die haar en haar klachten serieus neemt.

 

In de afgelopen twintig jaar heb ik helaas veel van dit soort ervaringen van mensen gehoord en ik word er elke keer weer verdrietig van. Ik besef mij maar al te goed dat onder de complementaire behandelaars ook veel kaf onder het koren te vinden is. Zo ervaren artsen ook dat er missers gemaakt worden in de complementaire geneeskunde, natuurlijk, net zo goed.

 

Ik hoop dat wij allemaal minder genoegen zullen nemen met nietszeggende stickers, maar ik heb er vertrouwen in dat dit echt gaat lukken door alle goede informatie we op internet met elkaar delen.

 

Yvonne van Stigt, master in de klinische Psycho Neuro Immunologie

Allergisch voor de zon, kan dat? Het is een gekke gedachte dat je allergisch kunt zijn voor een verschijnsel waarvan we afhankelijk zijn. We kunnen immers zonder zonlicht niet leven. Wat is er dan aan de hand?

 

Bij een echte allergische reactie wordt het immuunsysteem getriggerd door allergenen, denk daarbij aan voedingsmiddelen, een luchtje, een crème of zoiets als pollen. De zon is geen allergeen, en je bent dan ook niet echt allergisch voor de zon, of zonlicht.

 

Wat zonlicht wel kan doen, is histamine vrijmaken. Histamine is de stof die het immuunsysteem gebruikt om indringers onschadelijk te maken. Bij een allergie triggert een onschuldige stof het immuunsysteem. Het immuunsysteem zorgt dan dat er histamine vrij komt vanuit de mestcellen. Deze cellen vind je overal in je lichaam, maar vooral in de darmen, longen en KNO gebied.

 

Oergezond-boekenWanneer histamine vrijkomt kan de indringer gedood worden en wordt histamine afgebroken. En dat is niet altijd zo eenvoudig.

 

Je hebt twee enzymen die histamine kunnen afbreken, één voor in de darmen en één voor in de rest van het lichaam. Als een van die twee enzymen niet zo goed werkt heb je een probleem. De histamine wordt niet goed afgebroken en je krijgt daar klachten van. Jeuk, niezen, galbulten, angstaanvallen, darmklachten, vocht vast houden; you name it.

 

Het is dus mogelijk dat ‘zonneallergie’ het gevolg is van een erfelijke zwakke plek in één van de enzymen. Dan heb je normaliter geen klachten, tot het moment dat de zon de hoeveelheid histamine verhoogt, dan zijn er niet genoeg enzymen om die extra histamine af te breken. In dat geval helpt het om de enzymen een handje te helpen met wat extra stofjes die nodig zijn om de enzymen te maken. Vitamine C is er één van, maar er zijn er meer. Ik ga ze niet allemaal noemen, want dan gaan mensen zelf experimenteren met stoffen waar je ook teveel van kunt binnenkrijgen.

 

Een andere mogelijkheid is dat je ergens allergisch voor bent, terwijl je dat niet weet. Normaal gesproken kan je lichaam de hoeveelheid histamine netjes verwerken, maar als de zon gaat schijnen, ontstaan de problemen. Met jeukende blaasjes op de borst en hals als gevolg. Als je dan stopt met het eten van het voedingsmiddel waar je niet tegen kunt is de ‘zonneallergie’ verdwenen.

 

 

Maar we zijn er nog niet. Er is nog een derde optie. Niet alleen je lichaam maakt histamine, ook de dierentuin in je buik kan histamine produceren. Bacteriën zijn in staat om vanuit het aminozuur histidine, histamine te maken. En ook die histamine komt op de histamineberg, die moet weer afgebroken worden. (Histidine vind je voornamelijk in dierlijke eiwitten.)

 

Je snapt het al, wanneer je dan vegetarisch gaat eten kan de zonneallergie verdwijnen. Probleem opgelost zou je zeggen. Nou nee. Dat is geen echte oplossing.

 

Hè, wat jammer. Dat zou nu zo makkelijk zijn.

 

De echte oplossing ligt in zo’n geval in het temmen van de wilde dieren in de interne dierentuin, ofwel, je zult moeten zoeken wat er aan de hand is in je darmen. Er kunnen zich ziekmakende bacteriën, parasieten of schimmels  bevinden. Of er is een disbalans in de vaste bewoners van de darm, de goede bacteriën zijn misschien wel uitgeroeid door antibiotica.

 

Gelukkig, ‘problem solved’. We kopen even een potje probiotica en we zijn overal van af. Ja, het zou o zo makkelijk zijn als je het met een simpel pilletje kon oplossen. Maar helaas, zo simpel is het niet. Ik ben geen voorstander van het zomaar inzetten van een probioticum, ook niet als het een goed merk is. Je kunt namelijk aan de buitenkant niet zien wat er precies aan de hand is bij jou van binnen. En een berg bacteriën toevoegen zonder dat je weet welke bacteriën je tekort of teveel hebt is een soort Russische roulette. Als je geluk hebt werkt het.

 

Het in balans brengen van je darmen begint bij goede voeding. Dat betekent dat je puur en onbewerkt gaat eten en daarbij uitzoekt welk voedsel bij je past. Als je allergisch bent, of histamine niet goed kan afbreken, zou ik oppassen met voeding met veel histamine, eet dan bijvoorbeeld geen gefermenteerde producten zoals zuurkool, maar pas ook op met kaas, chocola en rode wijn. Als dat niet voldoende effect heeft, zou ik een deskundige raadplegen om te zien waar het probleem vandaan komt. (Je vindt ze hier).

 

Je kunt het ook allemaal negeren en bij tijd en wijle een anti histaminicum slikken, maar ik kan je op een briefje geven dat deze problemen gewoonlijk niet vanzelf overgaan. Ook al lijkt het dat je er overheen groeit, de symptomen veranderen naarmate je ouder wordt. De zonneallergie kan verdwijnen en plaats maken voor serieuze darmklachten of zelfs psychische klachten. Zie het daarom als een signaal van je lichaam dat je serieus moet nemen. Net zoals een brandend olielampje van je auto! Ik weet wel dat als ik in mijn jeugd geweten had wat ik nu weet, dat ik veel ellende had kunnen voorkomen.

 

Yvonne van Stigt, master in de klinische Psycho Neuro Immunologie